1. Wanneer sprake is van twee bijstandsgerechtigden, bestaat alleen recht op een kennismakingsperiode wanneer beide colleges een kennismakingsperiode toestaan.

2. Als de andere bijstandsgerechtigde van zijn/haar college een kortere kennismakingsperiode wordt toegestaan, hanteert het college deze kortere periode.

3. Beide belanghebbenden houden tijdens de kennismakingsperiode hun eigen woonadres aan en blijven op dat woonadres ingeschreven staan in het BRP.

4. Een eventuele verhuurder (woningcorporatie) is op de hoogte en akkoord met het tijdelijk niet voltijds bewonen van de woonruimte.

5. Indien één van de partners voor een periode van langer dan 28 dagen ten tijde van de kennismakingsperiode in een inrichting als bedoeld in artikel 1 onderdeel f van de Participatiewet verblijft, eindigt het recht op de kennismakingsperiode. Wanneer de partner niet langer meer in de inrichting verblijft, kan de kennismakingsperiode opnieuw worden aangevraagd. Bij toekenning herleeft het recht op de kennismakingsperiode voor de periode dat van de oorspronkelijk toegekende kennismakingsperiode resteert. Dit geldt ook wanneer één van beide partners langer dan 28 dagen in het buitenland verblijft of is gedetineerd.