Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5.

Artikel 5.2

Grondstoffendriehoek

Onderdeel van Grondstoffenplan Opmeer 2025-2035

Met de voorliggende koers, zet Opmeer ambitieuze stappen richting een circulaire toekomst. De overtuiging is dat we met deze maatregelen winst kunnen behalen op alle drie de pijlers binnen de grondstoffendriehoek: milieu, kosten en service. Alle maatregelen zijn erop gericht om de kosten zo laag mogelijk te houden, en de milieuwinst zo hoog mogelijk. Dit bereiken we door te sturen op serviceoptimalisatie. De servicemaatregelen die we willen nemen maken het makkelijker om afval te scheiden, en zijn in zijn geheel op zijn minst kostenneutraal. De winst die wordt gemaakt in verlaging van de hoeveelheid restafval en de verhoging van het percentage gescheiden grondstoffen, heeft een verlagend effect op de kosten. De afvalstoffenheffing in Opmeer wordt bepaald aan de hand van meerdere factoren, welke niet allen (direct) te beïnvloeden zijn. Afspraken over het tegengaan van zwerfvuil (in samenwerking met WerkSaam), onkruidbestrijding, salariskosten en handhavingskosten brengen allen kosten met zich mee die een langdurig, stabiel karakter hebben. Een groot deel van de afvalstoffenheffing wordt echter bepaald door de opbrengsten van gescheiden grondstromen die geld opleveren (papier, textiel, oud ijzer etc.), en de vergoeding die vanuit de verpakkingsindustrie wordt geboden voor het recyclen van PMD. Deze opbrengsten worden verrekend in de eindafrekening met HVC. Het verwerken van restafval is de grootste kostenpost bij het fijn huishoudelijk afval, aangezien deze stroom verreweg het duurste is om te verwerken per ton. Het terugdringen van restafval vertaalt zich op die manier in de afvalstoffenheffing.

Rechtspraak bij dit artikel