Artikel 1 Definities

Artikel 2 Commissie Burgerinitiatief

Voor de behandeling van burgerinitiatieven wordt een speciale commissie Burgerinitiatief in het leven geroepen. Om de bureaucratie te beperken is bepaald dat alle raads- en commissieleden zitting hebben in de commissie en dat het presidium de voorzitter aanwijst. Om flexibiliteit in de procedure te houden is daarnaast vastgelegd dat het presidium bepaalt op welke wijze de commissiebehandeling plaatsvindt en hoeveel leden per fractie kunnen deelnemen aan de bespreking.

Artikel 3 Onderwerp burgervoorstel

Omdat de raad over een burgervoorstel een besluit neemt, moet het burgervoorstel betrekking hebben op een bevoegdheid van de gemeenteraad. In lid 2 zijn een aantal onderwerpen opgenomen waarover een burgeridee niet mag gaan:

  • - de uitvoering van besluiten van hogere bestuursorganen die de raad geen beleidsvrijheid geeft;
  • - Het is evident dat het weinig zin heeft om te praten over zaken waar de raad verder geen invloed meer op heeft. Dat kan gaan om handelen van de gemeente dat volledig bepaald wordt door landelijke of provinciale wetgeving, maar ook bijvoorbeeld om de besteding van budgetten waarvan door het rijk of provincie verregaand is bepaald hoe het mag worden uitgegeven.
  • - gemeentelijke procedures
  • - dit is een interne gemeentelijke aangelegenheid.
  • - de inrichting van de gemeentelijke organisatie
  • - dit is een intern gemeentelijke aangelegenheid.
  • - het vaststellen van de gemeentelijke begroting;
  • - Hier wordt al uitgebreid over gesproken, inwoners kunnen hierover op de reguliere wijze inspreken;
  • - de gemeentelijke belastingen en tarieven;
  • - Belastingen zijn nodig om de uitgaven van de gemeente te dekken. Discussie over het verhogen/verlagen van belastingen hebben daarom weinig zin als daar geen discussie over de uitgaven aan vast zit.
  • - een zaak van louter privé-belang;
  • - Het is een goed gebruik om in de commissies en de raad niet te spreken over individuele gevallen.
  • - een klacht in de zin van hoofdstuk 9 van de Algemene wet bestuursrecht over een gedraging van een bestuursorgaan;
  • - Voor klachten is er een voorliggende procedure die beter geschikt is;
  • - een bezwaar in de zin van hoofdstuk 7 van de Algemene wet bestuursrecht tegen een besluit van het bestuursorgaan;
  • - Voor bezwaren is er een voorliggende procedure die beter geschikt is;
  • - een onderwerp waarover in een periode van 12 maanden voorafgaand aan het tijdstip waarop indiening van het voorstel plaatsvindt, door de raad een besluit is genomen.
  • - Het is niet de bedoeling dat burgers het instrument gebruiken om steeds hetzelfde onderwerp te agenderen.
  • - een onderwerp dat op de agenda van de commissie of de raad staat op het tijdstip waarop indiening van het initiatief plaatsvindt.
  • - Voor onderwerpen die al geagendeerd zijn, heeft een burgeridee geen toegevoegde waarde.

Artikel 4 Vormvoorschriften

Een burgervoorstel moet ondersteund worden door honderd handtekeningen. Omdat de raad een besluit moet nemen, moet het voorstel voldoend aan de gebruikelijke eisen die aan een raadsvoorstel worden gesteld, te weten een nauwkeurige omschrijving en toelichting van het voorstel en een kostenraming, indien uit de realisering van het burgervoorstel kosten voortvloeien. Ook zijn een aantal eisen opgenomen over de ondertekening van het burgeridee en de vorm en inhoud van de handtekeninglijsten.

Artikel 5 Indienen burgervoorstel

Net als in de oude verordening kan een burgervoorstel worden ingediend door inwoners van de gemeente die zestien jaar en ouder zijn en of stemrecht hebben voor de gemeenteraadsverkiezingen of stemrecht hebben zodra ze achttien worden.

Artikel 6 Toetsing

Een burgervoorstel wordt bij de gemeenteraad ingediend. Het presidium toetst of het voorstel voldoet aan de eisen. Als het burgervoorstel niet voldoet is er de verplichting om de initiatiefnemer in de gelegenheid te stellen om eventuele gebreken te herstellen.

Artikel 7 Behandeling

De behandeling van het burgervoorstel vindt allereerst in de commissie Burgerinitiatief plaats. Bespreking vindt alleen plaats als de initiatiefnemer aanwezig is. De initiatiefnemer neemt deel aan de bespreking. Na de commissiebehandeling wordt het voorstel geagendeerd voor de raadvergadering. De initiatiefnemer heeft de mogelijkheid om het voorstel op basis van de commissiebespreking te wijzigen. In de raadvergadering kan de initiatiefnemer niet deelnemen aan het debat.

Artikel 8 Onderwerp burgeridee

Een burgeridee moet gaan over een aangelegenheid waar de gemeente betrokkenheid bij heeft. In de verordening is dit geregeld door op te nemen dat een burgeridee moet gaan over het handelen of het nalaten om te handelen van de gemeente. Dit betekent bijvoorbeeld dat het (niet) handelen van Regionale Samenwerkingsverbanden niet onder de werking van de verordening vallen. Het is aan de initiatiefnemer om in het burgeridee de relatie van het initiatief met de gemeente helder te maken. In lid 2 zijn een aantal onderwerpen opgenomen waarover een burgeridee niet mag gaan:

  • - de uitvoering van besluiten van hogere bestuursorganen die de raad geen beleidsvrijheid geeft;
  • - Het is evident dat het weinig zin heeft om te praten over zaken waar de raad verder geen invloed meer op heeft. Dat kan gaan om handelen van de gemeente dat volledig bepaald wordt door landelijke of provinciale wetgeving, maar ook bijvoorbeeld om de besteding van budgetten waarvan door het rijk of provincie verregaand is bepaald hoe het mag worden uitgegeven.
  • - het vaststellen van de gemeentelijke begroting;
  • - Hier wordt al uitgebreid over gesproken, inwoners kunnen hierover op de reguliere wijze inspreken;
  • - de gemeentelijke belastingen en tarieven;
  • - Belastingen zijn nodig om de uitgaven van de gemeente te dekken. Discussie over het verhogen/verlagen van belastingen hebben daarom weinig zin als daar geen discussie over de uitgaven aan vast zit.
  • - een zaak van louter privé-belang;
  • - Het is een goed gebruik om in de commissies en de raad niet te spreken over individuele gevallen.
  • - een klacht in de zin van hoofdstuk 9 van de Algemene wet bestuursrecht over een gedraging van een bestuursorgaan;
  • - Voor klachten is er een voorliggende procedure die beter geschikt is;
  • - een bezwaar in de zin van hoofdstuk 7 van de Algemene wet bestuursrecht tegen een besluit van het bestuursorgaan;
  • - Voor bezwaren is er een voorliggende procedure die beter geschikt is;
  • - een onderwerp waarover in een periode van 12 maanden voorafgaand aan het tijdstip waarop indiening van het voorstel plaatsvindt, door de raad een besluit is genomen.
  • - Het is niet de bedoeling dat burgers het instrument gebruiken om steeds hetzelfde onderwerp te agenderen.
  • - een onderwerp dat op de agenda van de commissie of de raad staat op het tijdstip waarop indiening van het initiatief plaatsvindt.
  • - Voor onderwerpen die al geagendeerd zijn, heeft een burgeridee geen toegevoegde waarde.

Artikel 9 Vormvoorschriften

Ten opzichte van het burgervoorstel is het aantal benodigde handtekeningen teruggebracht van honderd naar vijftig. Omdat de raad geen besluit hoeft te nemen over een burgeridee is het niet nodig om met het burgeridee een uitgewerkt voorstel met kostenraming aan de raad voor te leggen. In plaats daarvan is opgenomen dat het burgeridee één of meerdere vragen aan de gemeenteraad bevat. Ook zijn een aantal eisen opgenomen over de ondertekening van het burgeridee en de vorm en inhoud van de handtekeninglijsten.

Artikel 10 Indienen burgeridee

Net als in de oude verordening kan een burgeridee worden ingediend door inwoners van de gemeente die zestien jaar en ouder zijn en of stemrecht hebben voor de gemeenteraadsverkiezingen of stemrecht hebben zodra ze achttien worden.

Artikel 11 Toetsing

Een burgeridee wordt bij de gemeenteraad ingediend. Het presidium toetst of het voorstel voldoet aan de eisen. Als het burgeridee niet voldoet is er de verplichting om de initiatiefnemer in de gelegenheid te stellen om eventuele gebreken te herstellen.

Artikel 12 Behandeling

In tegenstelling tot de behandeling van het burgervoorstel vindt de behandeling van het burgeridee alleen in de commissie Burgerinitiatief plaats. Bespreking vindt alleen plaats als de initiatiefnemer aanwezig is. De initiatiefnemer neemt deel aan de bespreking. Als de commissiebespreking aanleiding voor fracties is om moties in de raad in te dienen, wordt dit gemeld aan de initiatiefnemer.