Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK II

Artikel 8

Artikel 8

Onderdeel van Speeltuin subsidieverordening

Speeltuinorganisaties die in aanmerking wensen te komen voor een exploitatiesubsidie, een subsidie in de cursuskosten, een subsidie sectie speeltuinen, een subsidie in de kosten extra activiteiten of een subsidie in de beheers- en onderhoudskosten, dienen hiervoor bij de bestuurscommissie een aanvrage in vóór 1 februari van elk jaar, waarvoor zij voor een subsidie in aanmerking wensen te komen. Onverminderd het bepaalde in artikel 4:2 van de Algemene wet bestuursrecht verstrekt de aanvrager bij zijn aanvraag de volgende gegevens en bescheiden: een opgave van de grootte van het terrein van de door speeltuinorganisatie geëxploiteerde speeltuin; een gespecificeerde lijst van namen en adressen van leden dan wel houders van een abonnement of een gezinskaart naar de toestand per 31 december van het voorafgaande jaar; een opgave van de ontvangen entreegelden door nietleden over het voorafgaande jaar; een opgave van de kosten van toezicht over het voorafgaande jaar; een afschrift van de diploma's van de toezichthouders; een begroting van de kosten van de te houden extra activiteiten in het jaar waarover subsidie wordt aangevraagd, onder vermelding voorzover van toepassing van een raming van terzake ontvangen deelnemersbijdragen; de rekening van inkomsten en uitgaven over het voorafgaande jaar alsmede de begroting voor het lopende jaar; het jaarverslag over het voorafgaande jaar. Aan een speeltuinorganisatie kan op aanvraag een voorschot worden verstrekt van maximaal 80% van het in het voorafgaande jaar ontvangen exploitatiesubsidie. De beschikbaarstelling van bedoeld voorschot kan eerst plaatshebben nadat de aanvrage om een exploitatiesubsidie voor het nieuwe speeltuinseizoen is ingediend. Het voorschot wordt slechts verleend indien uit de gegevens van de ingezonden subsidieaanvrage blijkt, dat een voorschot van voormelde grootte gerechtvaardigd is. De speeltuinorganisatie is verplicht het bij voorschot eventueel te veel ontvangen bedrag terug te betalen. HOOFDSTUK III SUBSIDIE EN/OF RENTELOOS VOORSCHOT IN DE KOSTEN VAN TOTSTANDBRENGING, INSTANDHOUDING, INRICHTING EN UITBREIDING VAN EEN SPEELTUIN ARTIKEL 9 Een subsidie en/of renteloos voorschot kan verleend worden: in de kosten van vernieuwing en uitbreiding van speeltoestellen; in de kosten van aanleg en eerste inrichting speeltuinen; in de kosten van vernieuwing, verbetering en uitvoering van z.g. grootonderhoudswerkzaamheden aan opstallen, en afrastering in de speeltuin, niet zijnde speeltoestellen. Aan de hand van de ingediende aanvraag stelt de bestuurscommissie het maximaal te verlenen subsidie en/of renteloos voorschot vast. Het uit te keren subsidiebedrag c.q. renteloos voorschot is afhankelijk van de werkelijk gemaakte kosten terzake. 3.In principe wordt een subsidie en/of renteloos voorschot als bedoeld in lid 1 verleend ter grootte van 1/3 deel van de door de bestuurscommissie vast te stellen zuivere materiaalkosten van het project.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel