Naar hoofdinhoud
1. Het is de zakelijk gerechtigde tot en de bezitter, houder of gebruiker van een woonschip verboden dat woonschip ligplaats te laten nemen, te ankeren of te meren, of anderszins in een water te plaatsen. 2. Ontheffing van het verbod kan alleen worden verleend voor ligplaatsen waarvoor op de datum van uitgifte in het provinciaal blad al een ontheffing gold krachtens de Woonschepenverordening provincie Utrecht of voor ligplaatsen die als zodanig in een bestemmingsplan zijn aangewezen. 3. Gedeputeerde staten kunnen vrijstelling van het verbod verlenen voor bepaalde categorieën van woonschepen en voor bepaalde plaatsen. 4. Gedeputeerde staten kunnen ligplaatsen aanwijzen waarvoor na afloop van een geldende ontheffing geen nieuwe ontheffing meer zal worden verleend of niet aan een andere ontheffinghouder of niet met betrekking tot een ander woonschip. 5. Bij overtreding van het verbod wordt met betrekking tot het woonschip bestuursdwang toegepast of wordt de overtreder een dwangsom opgelegd van € 500,- per dag, tenzij vast staat dat aan hem een ontheffing wordt verleend.

Rechtspraak bij dit artikel