2.1 Dwangsommen Kindercentrum
| Algemene voorwaarden kwaliteit en naleving | |
| Administratie | derde categorie |
| Maatregelen aanpak A-ziekten | derde categorie |
Overtredingen in het domein Algemene voorwaarden kwaliteit en naleving hebben grote consequenties voor de kwaliteit van kinderopvang.
| Pedagogisch klimaat | |
| Pedagogisch beleid | derde categorie |
| Pedagogische praktijk | derde categorie |
| Voorschoolse educatie | derde categorie |
| Inzet pedagogisch beleidsmedewerker voorschoolse educatie | derde categorie |
Overtredingen in het domein pedagogisch klimaat hebben grote consequenties voor de kwaliteit van kinderopvang.
| Personeel en groepen | |
| Verklaring omtrent het gedrag en personenregister kinderopvang | derde categorie |
| Opleidingseisen | derde categorie |
| Aantal beroepskrachten | derde categorie |
| Eisen aan de inzet van beroepskrachten in opleiding en Stagiairs | derde categorie |
| Inzet pedagogisch beleidsmedewerkers | tweede categorie |
| Stabiliteit van de opvang voor kinderen | tweede categorie |
| Voertaal | tweede categorie |
Overtredingen in het domein Personeel en groepen hebben grote consequenties voor de kwaliteit van kinderopvang.
| Veiligheid en gezondheid | |
| Veiligheids- en gezondheidsbeleid | tweede categorie |
| Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling | tweede categorie |
| Meld- overleg- en aangifteplicht | tweede categorie |
Overtredingen in het domein Veiligheid en gezondheid hebben grote consequenties voor de kwaliteit van kinderopvang.
Accommodatie
Eisen aan ruimtes | tweede categorie
Overtredingen in het domein Accommodatie hebben, bij het ontbreken van een acute situatie, gemiddelde consequenties voor de kwaliteit van kinderopvang. Bij acute situaties hebben overtredingen grote consequenties voor de kwaliteit van kinderopvang.
| Ouderrecht | |
| Informatie | tweede categorie |
| Oudercommissie | tweede categorie |
| Klachten en geschillen | tweede categorie |
Overtredingen in het domein Ouderrecht hebben lichte tot matige consequenties voor de kwaliteit van kinderopvang.
2.2 Dwangsommen Gastouderbureau
| Personeel | |
| Verklaring omtrent het gedrag en personenregister kinderopvang | derde categorie per ontbrekende VOG, inschrijving en/of koppeling |
| Personeelsformatie per gastouder | tweede categorie |
Overtredingen in het domein Personeel hebben grote consequenties voor de kwaliteit van opvang.
| Veiligheid en gezondheid | |
| Risico-inventarisatie veiligheid en gezondheid | tweede categorie |
| Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling | tweede categorie |
| Meld- overleg- en aangifteplicht | tweede categorie |
Overtredingen in het domein Veiligheid en gezondheid hebben grote consequenties voor de kwaliteit van opvang.
| Ouderrecht | |
| Informatie | tweede categorie |
| Oudercommissie | tweede categorie |
| Klachten en geschillen | tweede categorie |
Overtredingen in het domein Ouderrecht hebben Lichte tot matige consequenties voor de kwaliteit van kinderopvang.
| Kwaliteit gastouderbureau en zorgplicht | |
| Kwaliteitscriteria | tweede categorie |
| Administratie gastouderbureau | tweede categorie |
Overtredingen in het domein Kwaliteit gastouderbureau en zorgplicht hebben grote consequenties voor de kwaliteit van opvang.
2.3 Dwangsommen Gastouder
Het maximum dwangsombedrag voor een voorziening voor gastouderopvang is gelijk aan het bedrag genoemd bij de eerste categorie artikel 23 lid 4 Wetboek van Strafrecht en bij recidive het dubbele daarvan.
2.4 Dwangsommen Ouderparticipatieopvang
Het maximum dwangsombedrag voor een ouderparticipatiecrèche is gelijk aan het bedrag genoemd bij de tweede categorie artikel 23 lid 4 Wetboek van Strafrecht en bij recidive het dubbele daarvan.
2.5 Bestuurlijke boete
Voor enkele overtredingen kan het college, naast een herstelsanctie, in beginsel een boete opleggen. Deze overtredingen staan in de eerste tabel: Bijlage 3: Directe boete. Voor de overige overtredingen kan naast een herstelsanctie ook een boete worden opgelegd. In de tabel is het maximum boetebedrag bij een eerste overtreding van het voorschrift opgenomen. Bij recidive verdubbelt het college het maximum boetebedrag.
Bij het opleggen van een bestuurlijke boete stemt het college de hoogte van de boete altijd af op de ernst van de overtreding en de mate waarin deze aan de overtreder kan worden verweten. Daarbij houdt het college rekening met de omstandigheden waaronder de overtreding is begaan. Om tot matiging over te gaan, verwacht het college een actieve houding van de overtreder. Het is belangrijk dat een houder niet alleen stelt dat bepaalde (bijzondere) omstandigheden zich hebben voorgedaan, maar dat de houder dit ook schriftelijk aantoont.
Als met 1 feitelijke gedraging 2 of meer overtredingen zijn begaan legt het college alleen een bestuurlijke boete op voor de overtreding met het hoogste boetebedrag. Daarnaast matigt het college een boete aan de hand van de omvang van de organisatie.