Wegaansluitingen en uitwegen voor werkzaamheden van tijdelijke aard, moeten voldoen aan dezelfde beperkingen, voorschriften en veiligheidseisen als gesteld bij een permanente ontheffing.
De geldigheidsduur is in de ontheffing opgenomen.
Na beëindiging van de werkzaamheden waarvoor de ontheffing is verleend wordt de wegaansluiting of uitweg op kosten van de ontheffinghouder opgeheven.
Hoofdstuk
Artikel 21: