1.. In de gevallen als bedoeld in artikel 4:41, tweede lid Algemene wet bestuursrecht is de subsidieontvanger, voor zover het verstrekken van de subsidie heeft geleid tot vermogensvorming, een vergoeding verschuldigd.

2.. De hoogte van de vergoeding als bedoeld in het eerste lid bedraagt:

  • - Voor het eerste jaar honderd procent van de vermogenstoename;
  • - Voor het tweede jaar tachtig procent van de vermogenstoename;
  • - Voor het derde jaar zestig procent van de vermogenstoename;
  • - Voor het vierde jaar veertig procent van de vermogenstoename;
  • - Voor het vijfde jaar twintig procent van de vermogenstoename.