Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 2

Algemene voorwaarden inwoning

Onderdeel van Afwegingskader woningsplitsing, inwoonsituaties en tijdelijke woning

a.. Er is sprake van inwoning als 1 woning wordt bewoond door 2 huishoudens; b.. De woning heeft een gezamenlijke entree en minimaal 1 gedeelde voorziening; c.. Er blijft formeel sprake van 1 woning op 1 erf (indien de gemeente hiertoe aanleiding acht kan hiervoor een erfplan worden gevraagd) en er vindt geen kadastrale splitsing plaats (daarmee geen eigen huisnummer en nutsaansluiting); d.. Er wordt gebruik gemaakt van de bouwmogelijkheden zoals toegestaan in het geldende omgevingsplan; e.. Er wordt gebruik gemaakt van de bestaande inrit(ten). Er mag geen extra inrit worden toegevoegd ten behoeve van de inwoning; f.. Een omgevingsvergunning voor inwoning kan worden geweigerd indien de aanvrager geen overeenkomst met de gemeente sluit ter afwenteling van eventuele tegemoetkoming van de vergoeding van nadeelcompensatie op aanvrager als bedoeld in artikel 15.1 en verder Omgevingswet, dan wel vergoeding van deze tegemoetkoming van nadeelcompensatie niet anderszins verzekerd is; g.. Met specifieke toestemming van het college kan er bewoning door meer dan 2 huishoudens worden toegestaan; h.. Parkeren moet voldoen aan het gemeentelijk parkeerbeleid dat geldt op het moment van indienen van de vergunning voor inwoning.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel