**1..** Een verstrekking in de vorm van een Pgb vindt plaats indien aan de in artikel 8.1.1 gestelde voorwaarden van de Wet is voldaan.
**2..** Op grond van de Wet dient door de cliënt gemotiveerd te worden dat deze een individuele voorziening in de vorm van een Pgb wil ontvangen. De cliënt dient gemotiveerd aan te geven waarom het aanbod van zorg in natura van de gemeente niet passend is. De cliënt moet aantonen dat zij zich voldoende heeft georiënteerd op de voorziening in ‘natura’. De cliënt moet op het aanvraagformulier motiveren dat de ondersteuning die wordt ingekocht met een Pgb minimaal tot een gelijkwaardig of een beter resultaat leidt dan de ondersteuning die in natura wordt verstrekt.
**3..** De cliënt koopt met het Pgb zelf de benodigde ondersteuning in en is daarmee ook zelf verantwoordelijk voor de kwaliteit van de ondersteuning.
**4..** Als de ouder(s) en/of de jeugdige een Pgb wensen en er wordt voldaan aan de voorwaarden, dan is het niet toegestaan om dat Pgb te besteden aan de (dreigende) overbelaste ouder. Dit verhoudt zich namelijk niet tot het uitgangspunt van de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen (eigen kracht). Het verstrekken van een Pgb neemt de (dreigende) overbelasting niet weg, omdat de ondersteuning nog steeds geleverd dient te worden. Daarnaast kan bij (dreigende) overbelasting ook niet meer worden gesproken van aantoonbaar betere en effectievere ondersteuning voor het kind dan via zorg in natura.