Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3. › Paragraaf 3.4.

Artikel 3.4.4.

Onbewoonbaarheid

Onderdeel van Verordening Woonruimtebemiddeling regio Rotterdam 2025

Een woningzoekende komt voor indeling in de urgentiecategorie ‘onbewoonbaarheid’ in aanmerking indien: het college van burgemeester en wethouders de aanvraag om indeling in deze urgentiecategorie niet met toepassing van artikel 3.1.3 afwijst; door aanvrager rechtmatig bewoonde zelfstandige woonruimte naar het oordeel van het college van burgemeester en wethouders feitelijk onbewoonbaar is als gevolg van een calamiteit; en de onder b. bedoelde woonruimte niet binnen drie maanden zodanig hersteld kan worden, dat bewoning weer redelijkerwijs mogelijk is.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel