Naar hoofdinhoud

Artikel 15.

Kosten bewindvoering (B076)

Onderdeel van Richtlijnen bijzondere bijstand gemeente Weststellingwerf

Als een belanghebbende bijzondere bijstand aanvraagt, moet het college de noodzaak van de kosten in beginsel aannemen als de kantonrechter beschermingsbewind heeft ingesteld en de kosten daarvan heeft vastgesteld. Voorliggende voorzieningen Er bestaat geen recht op bijzondere bijstand als een beroep kan worden gedaan op een voorliggende voorziening (artikel 15 lid 1 Participatiewet; zie ook Voorliggende voorzieningen). Als de bewindvoering geschiedt in het kader van de WSNP, dan geldt het Besluit subsidie bewindvoerder schuldsanering als een voorliggende voorziening. Jaarbeloning Er bestaat recht op bijzondere bijstand voor de jaarbeloning standaardbewind van de beschermingsbewindvoerder. Er dient geen machtiging overlegd te worden als de beloning overeenkomt met de tarieven voor standaard bewind zoals vermeld in de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren. Om aanspraak te kunnen maken op de hogere jaarbeloning in geval van problematische schulden bij bewind, dient de machtiging van de kantonrechter aan het college overgelegd te worden van de hogere jaarbeloning. De forfaitaire jaarbeloning is inclusief onkostenvergoeding en exclusief BTW. Met onkosten wordt bedoeld de kosten die de bewindvoerder in het belang van een goede uitoefening van zijn taak maakt. Het gaat dan om eventuele reiskosten, telefoonkosten, kosten van het opmaken van de rekening en verantwoording, kosten van het uitbesteden van taken voor zover de onder bewind gestelde deze voorheen zelf verrichtte. Deze onkostenvergoeding is verdisconteerd in het uurtarief. In uitzonderlijke omstandigheden kan de kantonrechter de beloning van de bewindvoerder op andere wijze vaststellen. Bij een afwijkende beloning dient een machtiging van de kantonrechter aan het college te worden overgelegd. Let op: Als een bewindvoerder in 2014 een eenmalige vergoeding voor extra werkzaamheden wegens problematische schulden heeft ontvangen op basis van het tarief behandeling schulden door beschermingsbewindvoerder (zie Aanbevelingen meerderjarigenbewind, versie 21 januari 2014), dan heeft de bewindvoerder in 2015 geen aanspraak op de jaarbeloning voor een bewind met problematische schulden. Incidentiele werkzaamheden De kosten in verband met incidentele werkzaamheden kunnen in aanmerking komen voor bijzondere bijstand. De bedragen staan vermeld in de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren. Onder incidentiele werkzaamheden vallen: - aanvangswerkzaamheden; - verkoop of ontruiming van een woning; - beheren van een persoonsgebonden budget; - opmaken van eindrekening en – verantwoording. Een machtiging van de kantonrechter dient bij deze kosten ingeleverd te worden. Indien er geen machtiging wordt ingeleverd kan de bewindvoerder de noodzaak van de kosten niet aantonen. Uit de beschikking van de kantonrechter dient te blijken om welke specifieke kosten het gaat. Problematische schuldenbewind (machtiging) De bewindvoerder maakt alleen automatisch aanspraak op een hogere jaarbeloning als uit de instellingsbeschikking van het beschermingsbewind blijkt dat sprake is van bewind wegens problematische schulden. Uit instellingsbeschikkingen blijkt niet altijd wat de reden van onderbewindstelling is. Voor deze gevallen geldt dat bij de aanvraag om bijzondere bijstand de bewindvoerder een machtiging van de kantonrechter moet overleggen, waaruit blijkt dat de bewindvoerder aanspraak maakt op de hogere jaarbeloning. Als de bewindvoerder deze machtiging niet kan overleggen, dan bestaat enkel aanspraak op de (lagere) standaardvergoeding. Met de komst van de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren, die in werking is getreden met ingang van 1 januari 2015, heeft de professionele bewindvoerder in een bewind met problematische schulden recht op een beloning die hoger is dan de beloning voor een professionele bewindvoerder in een standaardbewind (zie artikel 3 lid 2 onderdeel b Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren). Uit de instellingsbeschikking moet dan wel duidelijk blijken dat het bewind is ingesteld wegens problematische schulden. De machtiging van de rechtbank voor schuldenbewind is geldig voor onbepaalde tijd (tenzij anders aangegeven). De rechtbank controleert jaarlijks of nog sprake is van schulden op grond waarvan het hogere tarief in rekening gebracht mag worden. Vijfjaarlijks controleert de rechtbank of het ingestelde bewind nog steeds terecht is. Deze controle kan leiden tot het opheffen van bewind op initiatief van de rechtbank. De jaarlijkse (rekening en verantwoording) controles bij de rechtbank gaan niet verder dan het vaststellen of er nog steeds een grond is voor bewind. Opheffen van bewind zal dan op initiatief van de bewindvoerder of de onder bewind gestelde moeten. In de toekenningsbeschikking moet worden opgenomen dat een dergelijk verzoek tot opheffing/wijziging bewind dient te worden ingediend, als door de rechtbank is vastgesteld dat de grond voor het bewind is komen te vervallen. (Beschermings)bewindvoering en WSNP (Beschermings)bewindvoerders van personen die in de WSNP zitten brengen in voorkomende gevallen ook het hoge bewindvoerderstarief van problematische schulden in rekening. Als de rechtbank een machtiging heeft afgegeven voor dit hogere tarief, dan kan hiervoor bijzondere bijstand worden verleend. Duur van toekenning bijzondere bijstand Bij de kosten voor bewindvoering, mentorschap of curatele wijken we af van de duur van toekenning van bijzondere bijstand van maximaal 12 maanden. Alleen in de situatie dat er geen draagkracht is. De kosten voor bewindvoering, mentorschap en curatele kunnen voor meerdere jaren worden toegekend als er geen sprake is van draagkracht. Hierbij houden we het volgende aan: Aan inwoners met een bijstandsuitkering wordt de bijzondere bijstand bewindvoering, mentorschap en curatele toegekend voor de duur van de bijstandsuitkering. Als de bijstandsuitkering wordt beëindigd wordt de bijzondere bijstand ook beëindigd. Dan kan de inwoner opnieuw een aanvraag indienen en wordt de draagkracht opnieuw beoordeeld. Aan inwoners met een ander inkomen dan een bijstandsuitkering wordt de bijzondere bijstand voor kosten van bewindvoering, mentorschap en curatele voor de duur van maximaal 36 maanden toegekend als er geen draagkracht is. De vastgestelde daagkracht voor de duur van maximaal 36 maanden is alleen voor de kosten van bewindvoering, mentorschap en curatele. Voor andere kosten gelden de regels waarbij de draagkracht voor maximaal 12 maanden wordt vastgesteld. Zie richtlijn (B064). Per kalenderjaar beoordelen we opnieuw of er geen draagkracht is. Inwoners kunnen hiervoor vanaf 1 januari van het nieuwe kalenderjaar de bewijsstukken inleveren. Indien er per het nieuwe jaar draagkracht aanwezig is wordt de draagkracht opnieuw vastgesteld voor maximaal 12 maanden, volgens de regels uit richtlijn B064. In de beschikking staat hierover het volgende opgenomen: Draagkracht Bij het vaststellen van de hoogte van de bijzondere bijstand hebben wij rekening gehouden met uw draagkracht. De draagkracht is dat deel van uw inkomen en vermogen waarmee u geacht wordt de kosten zelf te kunnen betalen. In uw geval hebben vastgesteld dat u geen draagkracht heeft. Kosten bewindvoering 2026 en 2027 U dient de nota bewindvoeringskosten van het jaar 2026 en 2027 na 1 januari en voor 1 april van het betreffende kalenderjaar bij ons in te leveren om voor continuering van de bijstand in aanmerking te komen. Hierbij dient tevens schriftelijk aangegeven te worden of er sprake is van gewijzigde omstandigheden of niet. Bij gewijzigde omstandigheden beoordelen we opnieuw of u recht heeft op bijzondere bijstand. Als wij voor 1 april van het betreffende kalenderjaar de nieuwe nota niet ontvangen hebben vervalt de toekenning bijzondere bijstand. Kosten bewindvoering 2028 Bij ongewijzigde omstandigheden en wet- en regelgeving kunt u voor het kalenderjaar 2028 een nieuwe aanvraag bijzondere bijstand indienen. Deze dient na 1 januari, maar voor 1 april 2028 in ons bezit te zijn. In situaties van bijstand Kosten bewindvoering 2026 en verder U dient de nota bewindvoeringskosten elk jaar na 1 januari en voor 1 april van het betreffende kalenderjaar bij ons in te leveren om voorcontinuering van de bijstand in aanmerking te komen. Hierbij dient tevens schriftelijk aangegeven te worden of er sprake is van gewijzigde omstandigheden of niet. Als wij voor 1 april van het betreffende kalenderjaar de nieuwe nota niet ontvangen hebben vervalt de toekenning bijzondere bijstand.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel