Omschrijving van de kosten
Alle kosten die verband houden met de begrafenis of crematie van een overledene, voor zover deze kosten noodzakelijk zijn.
Algemeen
De noodzakelijkheid van deze kosten hangt mede af van de vraag of deze kosten kunnen worden toegerekend aan belanghebbende. Dit is het geval indien belanghebbende de hoedanigheid van erfgenaam heeft aangenomen, of indien belanghebbende behoort tot de bloed- en aanverwanten jegens wie een verhaalsrecht voor deze kosten bestaat op grond van artikel 22 van de Wet op de lijkbezorging. Als vaststaat dat de uitvaartkosten niet uit de nalatenschap voldaan kunnen worden en de belanghebbende niet over toereikende middelen beschikt om (zijn aandeel in) de uitvaartkosten te voldoen, bestaat er recht op bijzondere bijstand voor deze kosten (artikel 35, lid 1 PW).
Nadrukkelijk wordt er van uitgegaan dat de uitvaartkosten niet behoren tot de noodzakelijke kosten van het bestaan van de overledene zelf. Bijstandsverlening aan overleden personen is immers niet mogelijk. Zie CRvB 28-01-2003, nr. 01/4196.
Van uitvaartkosten kan als vaststaand worden aangenomen dat deze kosten voortvloeien uit bijzondere omstandigheden als bedoeld in artikel 35 lid 1 PW.
Bijstand aan de nabestaanden
In beginsel dienen de nabestaanden (bijv. echtgenote, ouders, meerderjarige kinderen) de kosten van lijkbezorging van de overledene voor hun rekening te nemen. Ontbreken hiervoor de middelen dan kan ieder voor zijn eigen evenredige aandeel bijzondere bijstand aanvragen. Hierbij wordt rekening gehouden met de vermogenssituatie/draagkracht.
Voor de bepaling van de hoogte van de bijstand moet worden gekeken naar de kosten van de goedkoopste adequate voorziening.
Voor de noodzakelijk geachte kosten en/of de hoogte daarvan wordt aangesloten bij de reële kostenposten van een sobere uitvaart. Gelet op de bijzondere omstandigheden wordt een bedrag van € 3.500,00 passend geacht voor een begrafenis of een crematie, naar evenredig aandeel per nabestaande (partner, ouder(s) of kind(eren). Dit bedrag is vastgesteld aan de hand van de reële kosten van een sobere uitvaart.
Belanghebbende hoeft geen verantwoording af te leggen over de aard van de besteding, maar moet wel de nota’s overleggen. Indien de kosten van de uitvaart minder bedragen dan € 3.500,00, dan wordt uitgegaan van de werkelijke kosten. Kosten boven de € 3.500,00 zijn voor rekening van de belanghebbende.
De bijzondere bijstand voor uitvaartkosten wordt in beginsel om niet verleend. De beschikking moet vermelden dat de belanghebbende verplicht is om de verleende bijstand te besteden aan het voldoen van zijn aandeel in de uitvaartkosten van de overledene.
Voorliggende voorzieningen
Er bestaat geen recht op bijzondere bijstand als een beroep kan worden gedaan op een voorliggende voorziening (artikel 15 lid 1 PW). Denk in dit geval bijvoorbeeld aan: uitvaart-, levens- of ongevallenverzekering of nalatenschap.
Overlijdensuitkering is geen voorliggende voorziening
Van de overlijdensuitkering zoals die op grond van artikel 45 lid 5 PW wordt verstrekt, kan gesteld worden dat dit geen voorliggende voorziening is voor de uitvaartkosten. In de toelichting bij artikel 45 PW wordt deze overlijdensuitkering gelijk gesteld met andere wetten op het terrein van de sociale zekerheid die ook een dergelijke overlijdensuitkering kennen.
Daaruit en uit het feit dat deze overlijdensuitkering wordt uitbetaald aan een nabestaande, kan de conclusie worden getrokken dat ook overlijdensuitkering op grond van andere sociale wetten naar hun aard niet bedoeld zijn om te voorzien in de uitvaartkosten.
Sociale zekerheidsuitkeringen anders dan een PW-uitkering vallen onder het begrip inkomen als bedoeld in artikel 32 PW. Een overlijdensuitkering op grond van één van deze wetten kan dus leiden tot inkomstenkorting of draagkracht. Let wel: de bijstandsuitkering zelf is geen inkomen in de zin van artikel 32 WWB (zie CRvB 25-02-2003, nrs. 00/462 NABW).
Wet op de Lijkbezorging
Wanneer er geen nabestaanden zijn of wanneer deze weigeren de begrafenis of crematie te verzorgen, dan is op grond van de Wet op de Lijkbezorging de gemeente verplicht te zorgen voor de lijkbezorging. Deze wet wordt uitgevoerd door de Afdeling Publiekscentrum. Als de Wet op de Lijkbezorging al is toegepast, dan is bijstand voor deze kosten niet meer mogelijk. Er is dan reeds in de kosten voorzien. De Wet op de Lijkbezorging (art. 37) kent de mogelijkheid om het bedrag op de nabestaanden te verhalen.
Reiskosten bijwonen uitvaart
Voor reiskosten voor het bijwonen van een uitvaart kan geen bijzondere bijstand worden verstrekt. De reiskosten verbonden aan het bijwonen van een uitvaart binnen Nederland behoren tot de algemene bestaanskosten. Reiskosten voor het bijwonen van een uitvaart buiten Nederland kunnen niet worden vergoed, op grond van het territorialiteitsbeginsel.
Artikel 14.
Uitvaartkosten (B075)
Onderdeel van Richtlijnen bijzondere bijstand gemeente Weststellingwerf