Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4. › Paragraaf 4.2.

Artikel 4.2.4.

Verlening van de huisvestingsvergunning voor standplaatsen

Onderdeel van Verordening Woonruimtebemiddeling regio Rotterdam 2025

1.. Indien via het aanbodinstrument is bekendgemaakt dat een standplaats beschikbaar komt voor bewoning, komen alleen aanvragers die op de wachtlijst als standplaatszoekenden zijn ingeschreven, in aanmerking voor een huisvestingsvergunning. 2.. Het college van burgemeester en wethouders verleent de huisvestingsvergunning aan de aanvrager die: voldoet aan het in artikel 10, tweede lid, van de wet bepaalde; behoort tot een in artikel 2.1.2 aangewezen categorie woningzoekenden; en Toewijzing van een standplaats geschiedt op basis van inschrijfduur. Daarnaast geldt de volgende rangvolgorde: een kind, inwonend bij familie in de eerste graad tot 27 jaar, op de locatie waar een standplaats vrijkomt; woningzoekende die een standplaats huurt op de betreffende woonwagenlocatie en wil doorschuiven naar een vrijkomende standplaats op dezelfde locatie, onder voorwaarde dat de eigen standplaats vrijkomt; woningzoekende die in de afgelopen tien jaar minimaal zes jaar aaneengesloten op de locatie heeft gewoond (spijtoptant of student); overige woningzoekenden. Burgemeester en wethouders behouden het recht om in te grijpen in het toewijzingsproces of af te wijken van deze regeling. In dat geval dient het college woningcorporatie/beheerder om advies te vragen. 3.. De huisvestingsvergunning wordt geweigerd, indien de aanvrager gelet op het eerste en tweede lid niet voor verlening van de huisvestingsvergunning in aanmerking komt. 4.. Het college van burgemeester en wethouders kan de verlening en weigering van huisvestingsvergunningen mandateren.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel