In de (strafrechtelijke) handhaving van de lokale veiligheid, leefbaarheid en de naleving van (specialistische) regels, is een belangrijke rol weggelegd voor toezichthouders en buitengewoon opsporingsambtenaren (hierna: boa’s). In gemeente Bergeijk zijn alle boa’s (strafrechtelijk) ook toezichthouder (bestuursrechtelijk). Niet alle toezichthouders zijn ook boa. Denk bijvoorbeeld aan de integrale toezichthouders. In dit protocol wordt gesproken over toezichthouders/boa’s. Dit is van belang, omdat boa’s ook een groot deel van hun tijd werkzaam zijn als toezichthouder. Op dat moment zijn ze met bestuursrechtelijk toezicht bezig en niet strafrechtelijk. Zodoende is dit protocol op beide functies van toepassing. In de praktijk zal echter worden gestart met het voorzien van bodycams voor de boa’s. Voor zowel hun taakuitoefening als boa en als toezichthouder. Mogelijk dat andere toezichthouders, niet zijnde boa, op een later moment ook hiermee kunnen/zullen worden uitgerust. Dat kan ook incidenteel gebeuren, bijvoorbeeld wanneer toezichthouders worden ingezet tijdens een actie met het Kempisch Interventie Team (KIT).
De toezichthouder/BOA die opereert in de openbare ruimte heeft een breed pakket aan bevoegdheden bij het uitvoeren van de publiekrechtelijke taak van de gemeente, onder meer gericht op de aanpak van overlast en andere feiten die de leefbaarheid aantasten binnen de openbare ruimte. De toezichthouders/boa’s hebben tijdens de uitvoering van hun werk veel persoonlijk contact met personen en lopen een verhoogd risico om tijdens hun werk te maken te krijgen met incidenten, variërend van verbaal geweld tot fysiek geweld. De werkgever heeft de verantwoordelijkheid om ervoor te zorgen dat medewerkers in het algemeen en medewerkers die een verhoogd risico lopen om te maken te krijgen met agressie/fysiek geweld in het bijzonder, hun werk veilig kunnen uitvoeren (Veilige publieke taak) en daar de maatregelen voor te nemen/middelen voor beschikbaar te stellen die aan deze veiligheid bijdragen.
Er is sprake van een verharding van de samenleving en een steeds verder toenemende kans op vormen van agressie jegens onze toezichthouders/boa’s. Daarmee neemt de behoefte toe om verdere middelen in te zetten die bijdragen aan de veilige uitoefening van de publieke taken van de toezichthouders/boa’s. De inzet van bodycams is er hier één van.
Uit pilots, onderzoeken en ervaringen van toezichthouders/boa’s elders in Nederland die inmiddels met de bodycam werkzaam zijn, blijkt dat het dragen van een bodycam leidt tot de afname van (verbale) agressie en geweld tegen de handhavers en hun veiligheidsgevoel vergroot.
Een bodycam is een draagbare camera die op of aan het lichaam wordt bevestigd. De bodycam kan ook worden bevestigd op het stuur van een fiets, motor, of als dashcam in de auto en kan zowel videobeelden als audio registreren en opslaan. Het filmen met een bodycam is feitelijk een observatie met behulp van een technisch middel: een vorm van versterkte waarneming. De camera registreert datgene waarop hij gericht is; normaliter gebeurtenissen die de Toezichthouder/BOA zelf meemaakt, ziet en/of hoort. Waar gesproken wordt over beelden, worden ook geluidsopnamen en meta data (GPS, dag, tijd en uniek nummer) bedoeld. De bodycam registreert namelijk beeld, geluid en meta data.
In dit protocol wordt onder meer omschreven hoe de bodycam wordt gebruikt, onder welke omstandigheden er mag worden gefilmd, hoe (lang) beelden worden opgeslagen, wat er wel en niet gebeurt met de beelden die worden gemaakt en op welke wijze de beelden kunnen worden gebruikt en/of opgevraagd.