Onder verwerking van persoonsgegevens valt ook het doorzenden, verspreiden, ter beschikking stellen en het in verband brengen van gegevens (artikel 4 AVG).

Uit de AVG vloeit voort dat het niet is toegestaan om persoonsgegevens verder te verwerken op een wijze die onverenigbaar is met de doelen waarvoor de gegevens zijn verkregen. Bij de beoordeling of een verwerking onverenigbaar is als bedoeld, wordt in ieder geval rekening gehouden met:

  • - de verwantschap tussen het doel van de beoogde verwerking en het doel waarvoor de gegevens zijn verkregen;
  • - de aard van de betreffende gegevens;
  • - de gevolgen van de beoogde verwerking voor de betrokkene;
  • - de wijze waarop de gegevens zijn verkregen en de mate waarin jegens de betrokkene wordt voorzien in passende waarborgen.

De Wet open overheid (Woo) geeft een aantal absolute en relatieve uitzonderingsgronden op de plicht tot informatieverstrekking voor het bestuursorgaan. In het geval van een absolute uitzonderingsgrond (artikel 5, lid 1 Woo) behoeft het belang van de informatieverschaffing niet te worden afgewogen tegen het belang van het niet verschaffen van de informatie. Als de absolute uitzonderingsgrond zich voordoet, moet de informatie worden geweigerd. Denk hierbij aan gevallen die:

  • - betrekking hebben op contacten tussen de Koning en de ministers. In vaktaal zegt men dan dat het verzoek om informatie 'de eenheid van de Koning en Ministers in gevaar zou kunnen brengen';
  • - de veiligheid van de Staat zou kunnen schaden. Dit is het geval bij informatie van de Algemene Inlichtingen en Veiligheidsdienst (AIVD);
  • - betrekking hebben op vertrouwelijke bedrijfs- en fabricagegegevens die door personen of bedrijven aan de overheid zijn meegedeeld;
  • - betrekking hebben op gevoelige persoonsgegevens.

In het geval van een relatieve weigeringsgrond (artikel 5.1, lid 2 Woo) dient een afweging te worden gemaakt tussen enerzijds het algemene belang van de openbaarheid van gegevens en anderzijds een van de hieronder genoemde bijzondere belangen:

  • - de betrekkingen van Nederland met andere landen en staten en met internationale organisaties;
  • - de economische of financiële belangen van de Staat, andere publiekrechtelijke lichamen of bestuursorganen, in geval van milieu-informatie slechts voor zover de informatie betrekking heeft op handelingen met een vertrouwelijk karakter;
  • - de opsporing en vervolging van strafbare feiten;
  • - de inspectie, controle en toezicht door bestuursorganen;
  • - de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer;
  • - de bescherming van andere dan eerdergenoemde concurrentiegevoelige bedrijfs- en fabricagegegevens;
  • - de bescherming van het milieu waarop deze informatie betrekking heeft;
  • - de beveiliging van personen en bedrijven en het voorkomen van sabotage;
  • - het goed functioneren van de Staat, andere publiekrechtelijke lichamen of bestuursorganen.

Als de gemeente Bergeijk van mening is dat in het specifieke geval het bijzondere belang zwaarder weegt, dan zal de gevraagde informatie niet verstrekt worden.