Burgemeester en wethouders kunnen een urgentieverklaring waarmee een woningzoekende is ingedeeld in één van de in de artikelen 3.2.1, 3.2.2, 3.2.3 of 3.2.4 bedoelde urgentiecategorieën uitsluitend intrekken als:

  • - sprake is van een weigeringsgrond als bedoeld in artikel 3.1.3 nadat de indeling in een urgentiecategorie heeft plaatsgevonden;
  • - de woningzoekende niet meer in aanmerking komt voor indeling in de urgentiecategorie waarin hij met de in hiervoor bedoelde urgentieverklaring is ingedeeld;
  • - de aanvrager onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt; of
  • - de aanvrager één of meerdere malen een passende woning heeft geweigerd.