Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 8

Nadere regels voor kring van ontvangers van geheime informatie

Onderdeel van Geheimhoudingsprotocol gemeente Goirle 2025

1. Informatie waarop geheimhouding rust, kan op grond van artikel 88 van de Gemeentewet worden verstrekt door: a. de raad aan het college, de burgemeester, de rekenkamer en een commissie als bedoeld in hoofdstuk V van de Gemeentewet; b. het college aan de raad, de rekenkamer en een commissie als bedoeld in hoofdstuk V van de Gemeentewet; c. de burgemeester aan de raad, het college, de rekenkamer en een commissie als bedoeld in hoofdstuk V van de Gemeentewet; d. een commissie als bedoeld in hoofdstuk V van de Gemeentewet aan de raad, het college, de burgemeester en de rekenkamer; 2. Zolang de burgemeester, het college of een commissie geheime informatie nog niet heeft gedeeld met de raad, gaan zij zelf over met wie de geheime informatie kan worden gedeeld. 3. Indien (een lid van) de raad een inlichtingenverzoek doet aan het college of leden van het college betreffende geheime informatie, die nog niet met de raad is gedeeld, geven zij, in lijn met artikel 169, derde lid van de Gemeentewet, de raad mondeling of schriftelijk de door één of meer leden gevraagde inlichtingen, tenzij het verstrekken ervan in strijd is met het openbaar belang. 4. Zodra geheime informatie met de raad wordt gedeeld, gaat de raad over die geheime informatie en de verspreiding ervan. 5. Informatie is onder geheimhouding met de raad gedeeld, wanneer de raad kennis heeft kunnen nemen van de inhoud van deze geheime informatie. 6. Wanneer geheime informatie wordt gedeeld met een enkel raadslid, wordt deze informatie tevens verstrekt aan alle raadsleden. Voor een goede voorbereiding door de fracties wordt geheime informatie ook gedeeld met de commissieleden; uitzondering op deze regel vormt de geheime informatie over de burgemeesters(her-)benoeming, die alleen de vertrouwenscommissie mag inzien, in lijn met artikel 61 van de Gemeentewet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel