**1..** De gemeente kan besluiten af te zien van (verdere) terugvordering van uitkering indien de inwoner:
Drie jaar lang of 36 termijnen op tijd betaald heeft. Het maandbedrag moet dan minstens zo hoog zijn als de van toepassing zijnde beslagvrije voet het bedrag; of
Drie jaar lang of 36 termijnen niet op tijd betaald heeft. Maar het te betalen bedrag plus de wettelijke rente en extra kosten alsnog heeft betaald. Het maandbedrag moet dan minstens zo hoog zijn als de van toepassing zijnde beslagvrije voet.
Een bedrag van tenminste 75% ineens aflost, waarbij dit bedrag in ieder geval gelijk moet zijn aan het bedrag dat iemand in 36 termijnen, op basis van de van toepassing zijnde beslagvrije voet, had kunnen aflossen.
Vijf jaar niet betaald heeft en niet aannemelijk is dat de inwoner dit nog zal gaan doen.
**2..** In principe besluit de gemeente ambtshalve tot toepassing van het eerste lid. Dit betekent dat een inwoner geen verzoek hoeft in te dienen om voor kwijtschelding in aanmerking te komen.
**3..** In afwijking van het eerste en tweede lid wordt bij de aflossing op een lening voor duurzame gebruiksgoederen of overige inrichtingskosten na drie jaar ambtshalve besloten de restschuld kwijt te schelden, mits aan de volgende voorwaarden is voldaan
Een inwoner gedurende drie jaar en in 36 termijnen volledig aan zijn betalingsverplichting heeft voldaan; of
Een inwoner gedurende drie jaar of 36 termijnen niet volledig aan zijn betalingsverplichtingen heeft voldaan, maar het achterstallige bedrag over die periode, vermeerderd met de daarover verschuldigde rente en op de invordering betrekking hebbende kosten, alsnog heeft betaald binnen deze periode.
**4..** De ambtshalve kwijtschelding zoals bedoeld in het derde lid wordt met terugwerkende kracht toegepast.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.1
Artikel 5
Afzien van (verdere) terugvordering na het voldoen aan de betalingsverplichting
Onderdeel van Beleidsregels terug- en invordering Participatiewet, IOAW, IOAZ en Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz 2004)