Attentiemarkeringen = Attentiemarkering zijn speciale markeringen op de grond, zoals ribbels of stippen, die mensen helpen om belangrijke plekken op straat te herkennen. Denk bijvoorbeeld aan de rand van een trap, een oversteekplaats of een halte. Ze zijn vooral bedoeld om mensen met een visuele beperking te waarschuwen of te helpen hun weg te vinden.

Cognitieve beperking = Mensen met cognitieve beperkingen hebben uiteenlopende vormen van problemen met informatieverwerking, zoals moeite met begrijpen, onthouden, plannen of oriënteren. In de context van de openbare ruimte betekent dit dat mensen met een cognitieve beperking baat hebben bij een omgeving die overzichtelijk, voorspelbaar en begrijpelijk is. Dit kan worden bereikt door het gebruik van duidelijke bewegwijzering, herkenbare symbolen, eenvoudige taal en een logische inrichting van routes en voorzieningen.

CROW = Een kennisplatform dat richtlijnen uitgeeft op diverse thema’s, waaronder voor ontwerpen openbare ruimte en toegankelijkheid. Altijd geldt de meest recente versie van genoemde publicatie of diens wettelijke opvolger.

DALI = Het handboek openbare ruimte van de Gemeente Alphen aan den Rijn met allerlei eisen voor projecten.

Geleidelijn = Een geleidelijn is een voelbare streep op de grond die mensen met een visuele beperking helpt om veilig hun weg te vinden. De lijn bestaat meestal uit ribbels die je kunt voelen met je voeten of met een taststok. Ze liggen bijvoorbeeld op stations, trottoirs of bij oversteekplaatsen en geven aan waar je naartoe kunt lopen. Geleidelijnen zijn vaak wit of licht van kleur, zodat ze ook goed zichtbaar zijn voor mensen met een verminderd zicht.

Gelijkmatigheid = Gelijkmatigheid gaat in dit kader over lichtsterkte en verwijst naar hoe egaal het licht verdeeld is over een oppervlak. In toegankelijke openbare ruimte voorkomt een gelijkmatige verlichting scherpe overgangen tussen licht en donker, wat belangrijk is voor mensen met een visuele beperking. Het bevordert veiligheid, oriëntatie en comfort, vooral in de avond en nacht.

MOR = Melding Openbare Ruimte bij Gemeente Alphen aan den Rijn.

Motorische beperking = Motorische beperkingen hebben betrekking op belemmeringen in het bewegen of het gebruik van het lichaam. Dit kan variëren van het gebruik van een rolstoel of rollator tot beperkte hand- of armfunctie. In de openbare ruimte betekent dit dat mensen met een motorische beperking gebaat zijn bij een fysieke omgeving die drempelvrij, vlak, stabiel en goed bereikbaar is. Denk hierbij aan voldoende brede trottoirs, verlaagde stoepranden, toegankelijke ingangen en het vermijden van obstakels op looproutes.

Natuurlijke gidslijn = Natuurlijke gidslijnen zijn elementen in de openbare ruimte die van nature richting geven aan voetgangers, met name aan mensen met een visuele beperking. Dit kunnen bijvoorbeeld gevels, grasranden, muurtjes of trottoirbanden zijn. Ze zijn voelbaar of herkenbaar met een taststok of via auditieve en visuele oriëntatie. Door deze elementen bewust in te zetten of te versterken in het ontwerp van de openbare ruimte, kunnen mensen zich zelfstandig en veilig oriënteren en verplaatsen zonder dat altijd kunstmatige geleidelijnen nodig zijn.

NEN = NEN staat voor Nederlandse Norm, en verwijst naar richtlijnen die zijn opgesteld door het Nederlands Normalisatie-instituut. In het kader van toegankelijkheid zijn er specifieke NEN-normen ontwikkeld die beschrijven hoe de gebouwde omgeving en openbare ruimte toegankelijk en bruikbaar moeten zijn voor iedereen, inclusief mensen met een beperking.

NSVV = NSVV staat voor Nederlandse Stichting voor Verlichtingskunde. Deze stichting ontwikkelt en verspreidt kennis over goede en verantwoorde verlichting in Nederland. In het kader van toegankelijkheid van de openbare ruimte speelt de NSVV een belangrijke rol door richtlijnen en aanbevelingen op te stellen voor verlichting die veilig, comfortabel en toegankelijk is voor iedereen — inclusief mensen met een visuele beperking. Denk hierbij aan voldoende lichtsterkte, gelijkmatige verlichting, het vermijden van verblinding en het ondersteunen van oriëntatie in het donker. De NSVV werkt hierbij vaak samen met organisaties zoals CROW en Bartiméus.

Openbare ruimte = De openbare ruimte omvat alle voor het publiek toegankelijke buitenruimten, zoals straten, pleinen, parken, trottoirs en stationsomgevingen. In het kader van toegankelijkheid betekent dit dat deze ruimten zodanig ontworpen, ingericht en beheerd moeten worden dat iedereen — ongeacht leeftijd, beperking of mobiliteit — zich er zelfstandig, veilig en comfortabel kan verplaatsen en verblijven. Dit vraagt om aandacht voor onder andere fysieke toegankelijkheid, duidelijke informatievoorziening, sociale veiligheid en het vermijden van obstakels.

Personen met een functiebeperking = In dit kader mensen die door een cognitieve, zintuiglijke, of motorische beperkingen belemmeringen ervaren in het dagelijks functioneren. In de context van de openbare ruimte betekent dit dat zij mogelijk extra ondersteuning of aanpassingen nodig hebben om zich zelfstandig, veilig en volwaardig te kunnen verplaatsen en deelnemen aan het maatschappelijk leven. Dit vraagt om een inclusieve inrichting van de openbare ruimte, waarbij toegankelijkheid, bruikbaarheid en begrijpelijkheid voor iedereen centraal staan — ongeacht de aard of ernst van de beperking.

Shared Space = Een ontwerpprincipe voor de openbare ruimte waarbij traditionele scheidingen tussen voetgangers, fietsers en gemotoriseerd verkeer (zoals stoepen, fietspaden en rijbanen) worden verminderd of verwijderd. Het idee is dat weggebruikers meer oog krijgen voor elkaar en hun gedrag beter op elkaar afstemmen.

Signaalmarkering = Een visuele markering die bedoeld is om de aandacht te vestigen op een specifiek punt in de openbare ruimte, zoals het begin van een trap, een oversteekplaats of een gevaarlijke rand. Deze markeringen zijn vaak uitgevoerd in contrasterende kleuren (zoals geel of wit op een donkere ondergrond), zodat ze goed zichtbaar zijn voor mensen met een visuele beperking. Signaalmarkeringen dragen bij aan de veiligheid en oriëntatie, en vormen een belangrijk onderdeel van een toegankelijke en inclusieve buitenruimte. Ze worden vaak toegepast in combinatie met andere geleidings- of attentiemarkeringen, en zijn afgestemd op richtlijnen van het CROW.

Toegankelijkheid = Toegankelijkheid betekent dat de openbare ruimte zodanig is ingericht dat iedereen - ongeacht leeftijd, of functiebeperking - deze zelfstandig, veilig en comfortabel kan gebruiken. Een toegankelijke openbare ruimte houdt rekening met uiteenlopende behoeften en zorgt ervoor dat mensen zich vrij kunnen verplaatsen, oriënteren en deelnemen in de openbare ruimte zonder belemmeringen.

Toiletalliantie = De Toiletalliantie is een samenwerkingsverband van maatschappelijke organisaties, waaronder de Maag-Lever-Darm-Stichting (MLDS), dat zich inzet voor voldoende openbare en opengestelde toiletten in Nederland. In het kader van toegankelijkheid van de openbare ruimte pleit de Toiletalliantie voor toiletten die niet alleen voldoende aanwezig zijn, maar ook goed vindbaar, gratis toegankelijk en bruikbaar voor mensen met een beperking. Denk hierbij aan rolstoeltoegankelijke toiletten, duidelijke bewegwijzering en opname in apps, zoals de ‘HogeNood-app’.

Universeel Ontwerpen = Universeel Ontwerpen (of Universal Design) is een ontwerpprincipe waarbij omgevingen zoals in dit geval de openbare ruimte vanaf het begin zo worden ontworpen dat ze bruikbaar zijn voor zoveel mogelijk mensen, ongeacht leeftijd, beperking of achtergrond. In de context van de openbare ruimte betekent dit dat straten, pleinen, parken en voorzieningen zó worden ingericht dat iedereen er zelfstandig, veilig en comfortabel gebruik van kan maken — zonder dat er aparte of aanvullende aanpassingen nodig zijn. Gebruikmaken van gevels als natuurlijke geleidelijn is hier een voorbeeld van.

VN-verdrag voor de rechten van de mens = Het VN-verdrag voor de rechten van de mens, officieel de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (UVRM), is een internationaal document dat in 1948 is aangenomen door de Verenigde Naties. Het legt fundamentele rechten en vrijheden vast die voor ieder mens gelden, zoals het recht op leven, vrijheid, veiligheid, gelijke behandeling en menselijke waardigheid. In het kader van toegankelijkheid vormt dit verdrag een belangrijke basis: het benadrukt dat iedereen, ongeacht functionele beperking(en), volwaardig moet kunnen deelnemen aan de samenleving.

Werkgroep Toegankelijkheid = De Werkgroep Toegankelijkheid is een samenwerkingsverband van ervaringsdeskundigen en belangenorganisaties dat adviseert over het verbeteren van de toegankelijkheid van de openbare ruimte. De werkgroep levert input voor beleid, richtlijnen en praktijktoepassingen.

Zintuiglijke beperking = Zintuiglijke beperkingen hebben betrekking op het (gedeeltelijk) verlies of de beperking van één of meerdere zintuigen, zoals zien, horen, ruiken of voelen. In de context van de openbare ruimte gaat het met name om visuele en auditieve beperkingen. Voor mensen met een zintuiglijke beperking is het belangrijk dat de omgeving duidelijke visuele, auditieve en/of tactiele signalen biedt. Denk aan goed contrast in kleuren, voelbare markeringen, akoestische signalen bij verkeerslichten en rustige geluidsomgevingen. Een toegankelijke openbare ruimte houdt rekening met deze behoeften om zelfstandige en veilige deelname aan het maatschappelijk leven mogelijk te maken.