Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7. › Paragraaf 7.2.

Artikel 7.2.3

Uitgangspunten verticale ligging

Onderdeel van Handboek kabels en leidingen Oosterhout

Kabels en leidingen moeten vanaf bovenkant leiding tot bovenkant maaiveld de juiste afstand hebben conform de in de LIOR opgenomen dwarsprofielen. Indien kabels en leidingen elkaar kruisen: distributiekabels of -leidingen liggen ondieper dan transportleidingen; vrijvervalleidingen hebben voorrang op drukleidingen; bij kruisingen van kabels of leidingen bedraagt de onderlinge tussenruimte (verticale afstand) tenminste 0,20 m. Er moet conform de dwarsprofielen in de LIOR een strook vrijgehouden worden in verband met kruisende vrijverval rioolaansluitingen.

Rechtspraak bij dit artikel