Artikel 2.25 Omgevingsverordening: Toevoegen stedelijke functies in bebouwingslinten en bebouwingsclusters buiten bestaand stedelijk gebied
In afwijking van artikel 2.6 kan op een perceel in of aansluitend op een bestaand bebouwingslint of -cluster een nieuwe stedelijke functie in een omgevingsplan worden opgenomen, met inachtneming van de volgende voorwaarden:
de nieuwe functie leidt tot een afronding of verdichting van een bebouwingslint of bebouwingscluster, en
de omvang van de stedelijke functie is afgestemd op de omgeving.
Detailhandel is alleen toegestaan voor zover deze verband houdt met de hoofdfunctie van het perceel en daaraan bedrijfsmatig en wat betreft omvang ondergeschikt is.
Toelichting van de provincie op art 2.25 Omgevingsverordening:
Bij een aantal bebouwingslinten en bebouwingsclusters in het landelijk gebied is sprake van een slechte tot matige (beeld-)kwaliteit en dreigt fysiek en functioneel verval. Artikel 2.25 biedt de mogelijkheid om door het toevoegen van naar aard en schaal passende, streekeigen woon- en werkfuncties de omgevingskwaliteit hiervan te verbeteren. Het is niet de bedoeling om bestaande bebouwingslinten en -clusters onbeperkt uit te breiden. Er moet daarom sprake zijn van verdichting of afronding van een bestaand bebouwingslint of -cluster.
Gemeentelijke overwegingen stedenbouw en landschap t.a.v. art. 2.25
De provincie gaat uit van een ‘functie die is afgestemd op de omgeving’. Dit impliceert minimaal een stand-still van omgevingskwaliteiten. Maar ook: dat er geen ‘plus’ voor die omgevingskwaliteiten hoeft te zijn. Dit is een lagere standaard dan in de gemeentelijke omgevingsvisie wordt gehanteerd (zie: ‘Afwegingskader omgevingsvisie Tytsjerksteradiel’).
Omdat hierdoor ook niet per sé wordt voldaan aan de uitgangspunten van ETFAL, worden hier aanvullende gemeentelijke richtlijnen ten aanzien van landschappelijke inpassing, gebaseerd op de omgevingsvisie, aan toegevoegd. Zie hiervoor het volgende hoofdstuk.
Ten aanzien van woningen in of aansluitend aan een lint of cluster aanvullende gemeentelijke richtlijnen opgesteld. Deze richtlijnen zien op het behoud van open het karakter, de erf- en bouwperceelmaatvoering en de afronding, rooilijn en ritmiek van een lint of cluster. Zie hiervoor ook het volgende hoofdstuk, onder paragraaf 5.1. Daarnaast zijn ook paragraaf 5.2 en 5.3 van toepassing op woningen in of aansluitend aan lint of cluster.