Een Dienstverleningsovereenkomst die is gesloten kan altijd beëindigd worden. Hiervoor is geen andere instemming nodig dan die van de betreffende Deelnemer.
Een Dienstverleningsovereenkomst tussen een Deelnemer en de Bedrijfsvoeringsorganisatie wordt gesloten voor onbepaalde tijd.
Een Deelnemer informeert het Bestuur schriftelijk indien hij een gesloten dienstverleningsovereenkomst wil beëindigen. Een dergelijke mededeling moet minimaal 24 maanden voor afloop van de door de Bedrijfsvoeringsorganisatie gesloten contracten voor de uitvoering van de betreffende Dienstverleningsovereenkomst, aan het Bestuur kenbaar gemaakt worden.
Na ontvangst van de mededeling van de Deelnemer dat deze de Dienstverlenings-overeenkomst wil beëindigen, wijst het Bestuur na overleg met de betreffende Deelnemer een onafhankelijke registeraccountant aan, aan wie het bestuur de opdracht verleend tot het opstellen van een zogenoemd beëindigingsplan. Dit beëindigingsplan is bindend. In het beëindigingsplan worden in ieder geval de in artikel 22.5 bedoelde kosten meegenomen. Dit beëindigingsplan wordt opgesteld uiterlijk 20 maanden voor datum van beëindiging van de DVO. De kosten voor het opstellen van het beëindigingsplan zijn voor rekening van de Deelnemer die zijn deelname aan de DVO wil beëindigen.
Het beëindigingsplan bevat in ieder geval de financiële, juridische, personele en organisatorische consequenties die gedurende een periode van drie jaar het directe gevolg zijn van de beëindiging van de DVO door de Deelnemer. In het plan zal stil moeten worden gestaan bij zaken als:
de financiële gevolgen voor de andere Deelnemers;
voorwaarden en andere verplichtingen voor de Deelnemer die zijn DVO beëindigt, die aan de uittreding worden verbonden;
afspraken om de beëindiging en de uitvoering van het beëindigingsplan bestuurlijk, financieel, juridisch en feitelijk in goede banen te leiden.
In het beëindigingsplan worden in elk geval de volgende kostensoorten onderscheiden:
frictiekosten (eenmalige personele en materiële kosten als gevolg van het uittreden);
desintegratiekosten (kosten voor afbouw van overcapaciteit in personele en materiële sfeer en andere verplichtingen, de afbouw van risico’s);
direct en op termijn vervallen kosten (kosten die vervallen bij de uittreding en daaraan verbonden overname van taken);
schaalnadelen (kosten die niet wijzigen als gevolg van het uittreden);
aandeel in de reserves en voorzieningen.
Alle Deelnemers besluiten uiterlijk 18 maanden voor afloop van de DVO of de uitkomst van het beëindigingsplan gevolgen heeft voor hun deelname aan de DVO.
Wanneer de uitkomst van een beëindigingsplan er toe leidt dat één of meer extra Deelnemers hun voornemen kenbaar maken hun deelname aan de DVO te beëindigen, dan wijst het bestuur cf. artikel 22.4 een registeraccountant aan om een nieuw (tweede) beëindigingsplan op te stellen. Dit tweede plan moet uiterlijk 16 maanden voor datum beëindiging van de DVO voorgelegd worden aan het bestuur. De uitkomsten van dit plan zijn eveneens bindend.
Elke Deelnemers besluit uiterlijk 14 maanden voor afloop van de DVO over hun deelname aan de DVO. Dit besluit is definitief. Er wordt geen 3e beëindigingsplan opgesteld.
Hoofdstuk 8
Artikel 22
Beëindigen van een Dienstverleningsovereenkomst
Onderdeel van Gemeenschappelijke Regeling PlusOV