1. Er wordt geen urgentie verleend indien op basis van leeftijd, gezinssituatie of woonsituatie te voorzien was dat een nieuwe woning noodzakelijk zou worden en er geen sprake is van een onverwacht optredende noodsituatie. De beoordeling wordt afgestemd op het individuele geval.
2. Er wordt geen urgentie verleend wanneer de huisvestingsproblematiek primair veroorzaakt wordt door:
a. dreigende dakloosheid door eigen toedoen / woningontruiming;
b. terugkeer naar de gemeente en/of familie na echtscheiding elders;
c. terugkeer of komst naar de gemeente op medische gronden, tenzij alleen een woning in de gemeente Barneveld als enige oplossing overblijft. Deze noodzaak moet worden aangetoond door aanvrager;
d. inwoning/kamerbewoning;
e. zwangerschap;
f. burenruzie/hinder/overlast;
g. huurschuld of schadevordering woningstichting;
h. gezins- of familieproblematiek;
i. gezinshereniging;
j. maatschappelijke binding;
k. remigratie;
l. onregelmatige werktijden / reisafstand werk / economische binding;
m. vrijwillige verlating van een woning;
n. lange wachttijd reguliere toewijzing n.a.v. woonbonnen/ reactie via internet;
o. terugkeer na detentie.
3. Een combinatie van factoren, zoals genoemd in het tweede lid, kan wel aanleiding zijn voor een urgentie. In geval van combinatie van factoren kan urgentie worden toegekend indien de gevolgen van de woonsituatie dermate ernstig zijn dat voortzetting niet van de aanvrager gevergd kan worden. Het college kan ten behoeve van de beoordeling het adviesorgaan om advies vragen.