Uit recente berekeningen volgt dat de huidige middelen voor het onderhouden (in stand houden) van de verlichtingsinstallatie passend zijn. Ook in de komende jaren.
Dat geldt niet voor het aandeel ‘elektriciteit’ in het budget. Dat is niet zo verwonderlijk, de tarieven zijn in 2022 significant gestegen en de algemene verwachting is dat de energieprijzen minimaal op de huidige niveaus zullen blijven.
Budget (FCL) 62100231 ( NB benodigd in 2025 )
€ 435.000,-
Onderverdeeld in:
ECL 31000
Elektriciteit
€ 293.500,--
ECL 34300
Aankoop niet duurzame diensten en goederen
€ 40.500,-
ECL 34400
Onderhoud
€ 101.000,-
ECL 34429
Andere kosten openbare verlichting
€ 0,-
Dit plan gaat uit van grootschalige vervanging van lampen en armaturen door LED techniek. Zodra dat gebeurt dalen de kosten van energie en onderhoud fors. (direct € 47.000,- per jaar besparing oplopend naar € 64.500,- per jaar).
In bijlage 1 staat berekend welke toekomstige budgetten benodigd zijn om de installatie in stand te houden. De tabel behoeft een korte toelichting:
- - Er is rekening gehouden met een indexering van 3% per jaar (gemiddeld voor loon- en materiaalkosten);
- - De tabel laat een (beperkte) stijging van de kosten voor onderhoud en energie zien. De voorgestelde vervangingen binnen de beleidsperiode leveren een (uiteindelijke) besparing op de jaarlijkse kosten van € 64.500,-. Zonder vervanging is de onderhouds- en energiebehoefte in 2034 dus € 64.500,- hoger;
- - Onder ‘opties’ staan de voorgestelde maatregelen voor verbeteringen zoals stabiliteitsmetingen, elektrotechnische keuringen, installatieverantwoordelijkheid en een beheersysteem opgenomen.
Grafiek: ontwikkeling onderhoudsbehoefte met in:
- - Oranje: INclusief vervangingsinvesteringen
- - Grijs: Exclusief vervangingsinvesteringen
NB: in de grijze staven is geen rekening gehouden met een groei van het aantal storingen als gevolg van de (in dat geval) verder verouderende installatie.