Wanneer algemene of collectieve oplossingen niet passend zijn, om de mobiliteit beperking op te lossen, kan een vervoersvoorziening een passende oplossing bieden. Kosten voor het opladen van een accu van een vervoersvoorziening komen niet voor vergoeding in aanmerking.
Belangrijk is dat er een stallingsmogelijkheid is voor de hulpmiddelen met een elektriciteitspunt voor het opladen van de accu. Verder dienen de hulpmiddelen vocht- en vorstvrij gestald te kunnen worden, zodat (hevige) neerslag niet op het hulpmiddel komt. Als dit niet het geval is, komen de kosten voor de aanleg van een stalling of elektriciteitspunt mogelijk voor vergoeding in aanmerking. Als deze kosten erg hoog zijn, kan een andere vervoersvoorziening overwogen worden.
Scootmobiel
De scootmobiel is primair bedoeld voor verplaatsingen in de directe woon- en leefomgeving en niet voor grote afstanden daarbuiten. Voor de grote actieradius is het collectief vervoer adequaat. Dat betekent dat een scootmobiel met een snelheid van 8, 10 of 12 km per uur en met gemiddelde actieradius van circa 30 km op één accu adequaat is. Bij de scootmobiel wordt alleen de standaard accu en snelheid vergoed. Als de inwoner een zwaardere en snellere scootmobiel wenst kan hij/ zij ervoor kiezen de meerkosten zelf te betalen. Een opvouwbare scootmobiel wordt niet verstrekt, omdat dit geen adequate vervoersvoorziening is in verband met onder anderen gebrek aan vering, gebrek aan zitcomfort en vaak een kortere technische levensduur hebben. Indien de inwoner onvoldoende rijvaardig is dan wordt een scootmobiel gezien als een niet adequate voorziening. Indien er geen adequate stalling aanwezig is of niet mogelijk is, wordt een scootmobiel gezien als een niet adequate voorziening.
Driewielfiets
Bij het verstrekken van een driewielfiets is het belangrijk om goed na te gaan of de fiets past bij de vastgestelde beperkingen en de vervoersbehoefte van de inwoner. Bij een elektrische driewielfiets wordt alleen de standaard accu en snelheid vergoed. Als de inwoner een grotere accu wil, dan moet de inwoner zelf de meerkosten betalen.
Handbike
De handbike is de vervanging van een fiets, als de inwoner niet in staat is zich met beenkracht en beencoördinatie voort te bewegen en ook een aangepaste fiets niet adequaat is.
De criteria hiervoor zijn:
- - inwoner is aangewezen op een rolstoel.
- - inwoner heeft het vermogen zich te verplaatsen met behulp van een handbewogen (sport) rolstoel over een redelijke afstand (1,5 km) binnen redelijke tijd overbruggen (te denken valt aan circa een half uur).
- - heeft de voorziening nodig in verband met een specifieke verplaatsingsbehoefte boven 1500 meter, die niet anderszins kan worden opgelost.
- - er dient een substantiële toegevoegde waarde te zijn als de handbike als verplaatsingsvoorziening in en om de woning of voor grotere afstanden wordt verstrekt.
- - aanpassingen die nodig zijn om de handbike aan de rolstoel te kunnen bevestigen, vallen onder de rolstoelaanpassingen.
Vervoerhulpmiddel voor kinderen:
Voor autovervoer kan een aangepaste kinderstoel verstrekt worden als dit de enige manier is om een kind veilig in de auto te vervoeren. In de reguliere handel zijn inmiddels al draaibare stoeltjes te verkrijgen waardoor het kind zonder belastende draaibeweging van de ouder/ verzorgende in en uit de auto getild kan worden.
Tot vier jaar is een driewieler algemeen gebruikelijk, tenzij er een speciale uitvoering noodzakelijk is.
Voor kinderen van 4 tot en met 16 jaar wordt de driewielfiets gezien als een mobiliteitsvoorziening.
De verlengde fiets wordt verstrekt in verband met een kind met beperkingen. Het heeft een verlengd frame. De grotere ruimte achter de zadelbuis en de verlaagde achter instap maken het gemakkelijker om het kind in een stoeltje te verplaatsen. Dit type fiets is vooral geschikt voor het meenemen van grotere kinderen met beperkingen.
De duofiets:
Deze voorziening biedt een passende oplossing als de inwoner - zich alleen onder begeleiding in het verkeer kan begeven, en - uit veiligheidsoverwegingen niet kan of mag meetrappen en/of meesturen. - Het is noodzakelijk is dat de begeleider toezicht houdt op de inwoner. De inwoner dient een structurele vervoersbehoefte te hebben om onder begeleiding op pad te gaan en de begeleiding dient daadwerkelijk hiervoor aanwezig te zijn.
Een rolstoelfiets
Deze voorziening biedt een passende oplossing als de inwoner niet vervoerd kan worden zonder dat hij/zij in de rolstoel zit.
Auto aanpassingen
Als een autoaanpassing toch overwogen wordt, omdat er geen andere voorziening passend en toereikend is, moet de aan te passen auto technisch in goede staat verkeren, automatisch geschakeld zijn en beschikken over goede verwarming en andere voorzieningen die algemeen gebruikelijk zijn in een personenauto. Met technisch in goede staat zijn bedoelen we niet ouder dan 3 jaar. Binnen de afschrijvingstermijn van 7 jaar, wordt geen vergoeding gegeven voor eenzelfde aanpassing.