Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.2

Stiltegebieden

Onderdeel van Beleidskader kleine windturbines Zaanstreek – Waterland

In Zaanstreek – Waterland komt een groot aantal stiltegebieden voor. Deze overlappen veelal met natuurgebieden zoals Jisperveld, Ilperveld, Waterland en Zeevang. In art. 4.28 van de OVNH2022 staat; ‘Degene die een activiteit verricht en weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat die activiteit nadelige gevolgen kan hebben voor het stiltegebied, is verplicht alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van diegene kunnen worden gevraagd om die gevolgen te voorkomen, voor zover deze niet kunnen worden voorkomen; die gevolgen zoveel mogelijk te beperken of ongedaan te maken; en als die gevolgen onvoldoende kunnen worden beperkt: de activiteit achterwege te laten voor zover dat redelijkerwijs van diegene kan worden gevraagd’. Het is verboden zonder omgevingsvergunning een toestel te gebruiken waardoor de ervaring van de natuurlijke geluiden in het werkingsgebied stiltegebieden kan worden verstoord (OVNH2022 art 4.30). Figuur 3.3 Uitgestrekte stiltegebieden (arcering) in Edam-Volendam, Wormerland, Landsmeer en Waterland Het verbod geldt niet voor een toestel (d) bij de uitoefening van normale werkzaamheden in het kader van land-, tuin- of bosbouw. Het verbod geldt niet (lid 5) bij gebruik van een toestel indien dit plaatsvindt in een woning, in of op het bijbehorende erf of tuin van een woning, dan wel een ander bij die woning behorend gebouw, mits het geluidsniveau op een afstand van 50 meter vanaf de activiteit minder dan LAeq,1h = 35 dB(A) bedraagt. Conclusie Er moet in een stiltegebied per KWT onderzocht worden of een KWT op 50m afstand van dat toestel minder dan LAeq,1h = 35 dB(A) produceert. Een leverancier van een windmolen kan dit onderzoek aanleveren. Het akoestisch onderzoek hangt af van voorkomende wind verwachting en de positie ten opzichte van gebouwen en is maatwerk. Het zal van de omstandigheden afhangen of aan deze eis wordt voldaan.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel