• - de volgende regionale en lokale marketingactiviteiten op het gebied van Recreatie en Toerisme als Dienst van Algemeen Economisch Belang (DAEB) aan te wijzen:
    • - merkontwikkeling/merkbewaking;
    • - algemene promotie en productontwikkeling ten behoeve van lokale en regionale promotie en marketing;
    • - initiëren, stimuleren en ondersteunen van initiatieven op het hiervoor benoemde terrein;
    • - het onderhouden, opbouwen en verbinden van netwerken binnen de gemeente en de regio en samenwerking met andere regionale en landelijke organisaties;
    • - onderzoeken en monitoren van effecten en resultaten van inspanningen;
    • - optioneel de organisatie en uitgifte van lokale en/of regionale bezoekerspas;
  • - bovenstaande taken aan Stichting Hart van Noord-Holland & partners op te dragen;
  • - de naam en het betrokken grondgebied aan te duiden;
  • - Stichting Hart van Noord-Holland & partners, Gedempte Nieuwsloot 50 te Alkmaar, dat diensten aanbiedt/uitvoert voor de gemeente Castricum.
  • - de aard en duur van de openbare dienstverplichtingen voor een periode van 5,5 jaar van 1 oktober 2025 tot 1 april 2031 vast te stellen.
  • - dat de compensatie aan de stichting Hart van Noord-Holland & partners enkel de hoogte bevat die nodig is voor uitvoering van de taken die onder artikel 1. genoemd zijn. De regionale taken worden gefinancierd vanuit het regiobudget dat beheerd wordt door de penvoerder van het samenwerkingsverband ‘Toerisme en Recreatie Regio Alkmaar’ en wordt opgebouwd volgens de verdeelsleutel die is vastgesteld in de uitvoeringsagenda en de samenwerkingsovereenkomst. Voor de lokale taken wordt vanaf 1 januari 2026 opdracht verleend middels een overeenkomst van opdracht. In de afgelopen jaren is voldoende inzichtelijk geworden welke directe arbeids- en inkoopkosten op basis van deze DAEB voor compensatie in aanmerking komen. De compensatie voor de regionale en lokale taken is enkel bedoeld om de volgende kosten te dekken: alle directe arbeids- en inkoopkosten voor de uitvoering van taken onder artikel 1. plus een proportioneel gedeelte van de overheadkosten (personele inzet buiten directe inzet voor de taken, huisvesting, administratie, automatisering, communicatie en bestuur). Gezien de stichtingsvorm is de redelijke winstmarge die normaliter van toepassing is bij een DAEB-vorm hier niet van toepassing;
  • - alle kosten (uren van de taken x prijs voor de genoemde taken) die direct gerelateerd zijn aan de taken, genoemd onder artikel 1. Deze worden aangevuld met overheadkosten (uren van de taken x organisatiekosten) die toe te rekenen zijn aan de uitvoering van deze taken, waaronder begrepen organisatiekosten voor personeel, huisvesting, administratie, automatisering, communicatie en bestuur. En verder directe inkoopkosten buiten de organisatie die verband houden de uitvoering van de taken, bedoeld onder artikel 1., maar niet verdisconteerd zijn in een uurtarief. Deze kosten zijn niet limitatief, maar richtinggevend. Stichting Hart van Noord-Holland & partners mag voor andere dan hierboven beschreven kosten gecompenseerd worden, mits deze kosten direct toerekenbaar zijn aan de openbare dienstverplichting en voldoen aan het DAEB-Vrijstellingsbesluit.
  • - de hoogte van de compensatie vast te leggen in een overeenkomst van opdracht aan de stichting (voor zowel de lokale als de regionale taken);
  • - toezicht op overcompensatie te houden door jaarlijks een accountantscontrole te laten houden bij de Stichting, die daartoe een gescheiden boekhouding dient aan te houden van de gemeenten die de Stichting compenseren voor hun DAEB-taken en terugbetalingen te regelen in de overeenkomst van opdracht aan Stichting Hart van Noord-Holland & partners.

Dit besluit treedt in werking op 1 oktober 2025.

Dit besluit wordt aangehaald als ‘Aanwijzingsbesluit DAEB Stichting Hart van Noord-Holland & partners’.