Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 3.6.

Uitgangspunten beheer overige watergangen

Onderdeel van Beheerplan watergangen Ouder-Amstel 2025 – 2028

Ook alle niet-primaire watergangen slibben en groeien in de loop van de tijd dicht. Deze watergangen moeten eveneens met enige regelmaat gebaggerd en geschoond worden. Conform de regels uit de Waterschapsverordening zijn hier de aanliggende perceeleigenaren zelf aan zet. De gemeente hanteert als streven dat de watergangen blijven bijdragen aan de maatschappelijke doelen (zoals benoemd in hoofdstuk 2). Op het moment dat de gemeente baggert wordt gebaggerd tot op vaste bodem. Hierdoor duurt het meerdere jaren langer voordat het voorgeschreven leggerprofiel van het waterschap weer wordt bereikt en er opnieuw moet worden gebaggerd. Het schonen van de gemeentelijke watergangen vindt minimaal één maal per jaar plaats, gecombineerd met het maaien van naastgelegen bermen en slootkanten. Deze werkzaamheden zijn op dit moment samen aanbesteed in één meerjarig contract. Smalle watergangen en greppels worden door middel van het maai- en slootwerk op diepte gehouden, door bij elke onderhoudsronde ook een kleine hoeveelheid (niet kwantitatief vastgelegd in het bestek) bagger (indien aanwezig) uit te nemen. Dit vindt minimaal jaarlijks plaats vanuit het contract met een aannemer. Verwerken bagger en maaisel Ook voor de overige watergangen is het gebruikelijk dat bagger en maaisel tijdelijk op de kant wordt gelegd. Hiervoor gelden de volgende afspraken: Bagger wordt altijd direct afgevoerd, tenzij het op de kant wordt toegepast; Maaisel blijft minimaal 24 uur en maximaal 7 dagen liggen, voordat het wordt afgevoerd naar een verzamelplaats of verwerker. Dit is conform het Handboek artikel 5.2.2. In afwijking hierop is met Waternet afgesproken dat ook buiten het bebouwd gebied wordt afgevoerd. Maaisel wordt pas na minimaal 24 uur verwijderd omdat: Waterdieren die op kant zijn geschept de tijd te geven terug te keren naar de sloot. Dit is een verplichting vanuit de Omgevingswet; Het maaisel de tijd te geven om uit te lekken en in te drogen. Zo hoeft minder materiaal te worden getransporteerd en gestort. Prioritering van baggerwerkzaamheden De gemeente wil niet al haar watergangen tegelijk baggeren. Dat is niet nodig en legt ook een te groot beslag op de ambtelijke capaciteit en de begroting. De planning en uitvoering van de baggerwerkzaamheden vindt plaats op basis van onderzoek (peilen en bemonsteren) van waaruit de urgentie wordt bepaald. De grondslag voor de urgentie wordt bepaald door de mate van verondieping. De verondieping is gedefinieerd als: ‘het volume baggerspecie binnen het leggerprofiel ten opzichte van het theoretische volume water binnen het leggerprofiel. Bij 0% bevindt zich geen baggerspecie binnen het leggerprofiel. Bij 100% bevindt zich alleen maar baggerspecie binnen het leggerprofiel en kan deze (bijna) geen water meer afvoeren. Hoe hoger het percentage verondieping, hoe hoger de score voor de baggerurgentie. Op grond van de Waterschapsverordening mag het percentage verondieping in principe niet hoger zijn dan 0%, maar deze norm wordt over het algemeen niet strikt gehanteerd voor niet-primaire watergangen. Daarnaast wordt bij de prioritering ook meegewogen in hoeverre (ernstige) baggerophoping een negatieve invloed heeft op: een openbare waterrijke speelplaats; de water af- en/of aanvoerende functie van een watergang; de uitstraling van watergangen op een zichtlocatie (met name in stedelijk gebied); de waterkwaliteit (hierbij ook blauwalg en stank) van inliggende watergangen. Voor de jaarlijkse baggeraanwas is een waarde van 2 cm aangenomen, zodat de mate van verondieping ook naar de toekomst toe kan worden bepaald. Hierbij moet worden meegenomen dat sommige watergangen waar veel bomen langs staan een snellere baggeraanwas hebben en eerder geschouwd en gebaggerd moeten worden. In het beheersysteem kan een differentiatie worden opgenomen. Onderhoud bij gedeelde onderhoudsplicht Wanneer een watergang meerdere naastgelegen perceeleigenaren heeft, dan zijn zij gezamenlijk verantwoordelijk voor het onderhoud van de watergang (ieder voor zijn deel). De gemeente is dan alleen voor haar eigendomsdeel van de watergang onderhoudsplichtig. Figuur 4 Voorbeeld gedeeld eigendom watergang (gele vlak is gemeentelijk eigendom) Bij een gedeelde onderhoudsplicht kunnen de partijen elkaar niet dwingen tot gelijktijdig onderhoud. Ook een gemeente heeft bij een gedeelde onderhoudsverplichting geen bevoegdheden richting andere onderhoudsplichtigen en kan de ander dus niet dwingen gelijktijdig te baggeren en/of mee te delen in de kosten voor baggeren. Met name voor baggeren geldt dat het weinig zinvol is om bij een gedeelde onderhoudsplicht alleen het eigen deel van de watergang te baggeren. De bagger zal zich dan namelijk snel opnieuw verdelen over de watergang (als gevolg van het uitzakken van bagger). Bij een gedeelde onderhoudsplicht is het daarom noodzakelijk dat de gezamenlijke onderhoudsplichtigen gelijktijdig baggeren. Enerzijds streeft de gemeente ernaar dat de watergangen blijven bijdragen aan de maatschappelijke doelstellingen. Zij is daarbij echter afhankelijk van de andere onderhoudsplichtigen. Anderzijds wil de gemeente voorkomen dat veel tijd en geld wordt gespendeerd aan organisatie en afstemming met andere eigenaren. Het kan er toe leiden dat de kosten die de gemeente maakt voor het organiseren, afstemmen en daadwerkelijk ontvangen van financiële bijdragen hoger zijn dat de in rekening te brengen kosten, met name wanneer er meerdere eigenaren zijn met een relatief klein eigendom. Handelswijze gemeente Bij een gedeelde onderhoudsplicht voor een watergang maakt de gemeente onderscheid tussen drie situaties, waarbij zij als volgt handelt: De gemeente is onderhoudsplichtig voor (vrijwel) de gehele watergang. De gemeente kan (nagenoeg) zelfstandig besluiten tot het plegen van onderhoud. Zij initieert daarom zelfstandig het baggeren van de volledige watergang en draagt alle kosten. De gemeente is voor 60% of meer onderhoudsplichtig voor de watergang. De gemeente kan vanuit de wet zelfstandig besluiten tot het plegen van onderhoud en is niet afhankelijk van de medewerking van anderen. Zij heeft een grote (maatschappelijke) verantwoordelijkheid tot baggeren en initiatiefnemen wanneer de gemeente voor de helft of meer eigenaar is. De gemeente initieert daarom zelfstandig het baggeren van de volledige watergang wanneer zij voor de helft of meer eigenaar is. De overige onderhoudsplichtigen worden daarbij ontzorgd: alle eigenaren kunnen tegelijkertijd laten baggeren door dezelfde aannemer onder regie van de gemeente. De gemeente neemt alle kosten voor voorbereiding, organisatie en uitvoering op zich. De gemeente is voor minder dan 60% onderhoudsplichtig voor de watergang. De gemeente kan niet zelfstandig besluiten tot het plegen van onderhoud en is dus afhankelijk van de medewerking van andere onderhoudsplichtigen. Doordat de gemeente maar voor een klein deel onderhoudsplichtig is, moet worden voorkomen dat de gemeente (de gemeenschap) een onnodig groot deel van de kosten draagt. Voor deze overige watergangen neemt de gemeente een afwachtende houding aan en bekostigt de gemeente alleen haar eigen deel van het baggeronderhoud. De gemeente neemt bij deze watergangen alleen een initiatief tot baggeren wanneer er een aanschrijving is vanuit het waterschap voor het niet voldoen aan het leggerprofiel. Indien de overige particuliere deeleigenaren nadrukkelijk zelf initiatief nemen tot gezamenlijk baggeren van de watergang dan sluit de gemeente zich hier uiteraard bij aan. Uitvoeringskosten Het inplannen en laten uitvoeren van baggerwerk is voor veel particuliere eigenaren lastig en zij laten daarom (meestal) geen baggerwerkzaamheden uitvoeren. Het niet laten uitvoeren van baggerwerk door particulieren is nadelig voor het robuust houden van het watersysteem, klimaatadaptatie en milieuwaarden. Gezien de omstandigheden met klimaatverandering ziet de gemeente het als haar taak een voortrekkersrol in te nemen. In de gevallen zoals beschreven bij situatie 2 (gezamenlijke watergangen) worden de watergangen daarom door de gemeente gebaggerd. Bewoners betalen via de riool- en waterzorgheffing om baggerwerkzaamheden te laten uitvoeren. De gemeente neemt naast de voorbereidings- en organisatiekosten ook de uitvoeringskosten voor het baggeren van de particuliere delen van de watergang voor haar rekening, inclusief de kosten voor de verwerking van de uitkomende bagger. De gemeente doet dit om de praktische uitvoerbaarheid van de baggerwerkzaamheden te vergroten. De gemeente bezit de professionele kennis en kunde die benodigd is voor het goed, efficiënt en doelmatig uitvoeren van baggerwerkzaamheden. De behandelkosten vallen met deze werkwijze lager uit, maar de baggerkosten zijn hoger. Het volledig baggeren door de gemeente is ongeveer € 8.125,= hoger dan de kosten wanneer de eigenaren de baggerkosten zelf moeten betalen. voorziening voor watergangen inrichten? Met de bovengenoemde aanpak wordt de afhankelijkheid van andere onderhoudsplichtigen verlaagd voor de watergangen waarvoor de gemeente voor de helft of meer onderhoudsplichtig is. Watergangen waar de gemeente voor minder dan de helft onderhoudsplichtig is, zullen met deze houding naar verwachting in de praktijk pas worden gebaggerd wanneer het waterschap alle onderhoudsplichtigen dwingt tot baggeren via een formele aanschrijving. Een formele aanschrijving zal echter naar verwachting de medewerking tot gezamenlijk baggeren verhogen en daarmee de afstemmingskosten verlagen. Meerjarenplan In het Meerjarenplan beheer openbare ruimte wordt de definitieve planning van al het groot onderhoud bepaald, waaronder het baggeren. De voorgaande prioritering levert de input voor de baggerplanning; door afwegingen over werk-met-werk kunnen baggerwerkzaamheden vervolgens alsnog verschuiven in de planning (voor zover de omstandigheden dit toelaten).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel