Naar hoofdinhoud
1.. Bij de bepaling van het inkomen wordt een eventuele verstrekking op grond van (categoriale) bijzondere bijstand of individuele inkomenstoeslag niet meegerekend. 2.. De volgende onderdelen worden niet als inkomen beschouwd: een bedrag gelijk aan 20/120ste van de bestuursrechtelijke premie bij bestuursrechtelijke premiebetaling op grond van de Zvw. bonus; het deel van het inkomen dat via beslag wordt afgedragen aan de schuldeiser; eindejaarsuitkering; gratificatie; heffingskortingen, tenzij deze via de werkgever of uitkeringsinstantie op het maandelijkse inkomen worden toegepast; individueel keuze budget; een onderhoudsbijdrage die een student die studiefinanciering ontvangt van zijn ouder(s) krijgt, zolang de som van de onderhoudsbijdrage en de aanvullende beurs lager is dan het maximale bedrag van de aanvullende beurs; transitievergoeding tot € 1.200,-- bruto; vakantietoeslag. 3.. Een inkomen inclusief vakantietoeslag of zonder recht op vakantietoeslag wordt verminderd met 5%. 4.. Bij een bruto-inkomen, niet zijnde van een zelfstandige of parttime ondernemer, waarover IB/PVV verschuldigd is, wordt bij de bepaling van het netto-inkomen rekening gehouden met: de door de Belastingdienst opgelegde Voorlopige Aanslag IB/PVV over dat inkomen; of – als geen Voorlopige Aanslag door de Belastingdienst is opgelegd – het tarief IB/PVV over belastingschijf 1 (35,82% in 2025).

Rechtspraak bij dit artikel