**1..** In afwijking van artikel 6 wordt het inkomen uit bedrijf of zelfstandig beroep van een zelfstandige als volgt bepaald:
het inkomen wordt bepaald aan de hand van het bruto-inkomen als bedoeld in artikel 1, onder f, van het Bbz 2004, van het boekjaar voorafgaande aan het jaar waarin de aanvraag wordt gedaan, hierna te noemen ‘jaar-1’;
als het bruto-inkomen over het jaar -1 niet kan worden bepaald, wordt het inkomen uit eigen bedrijf of zelfstandig beroep bepaald aan de hand van een kolommenbalans of de meest recente aangifte omzetbelasting.
In bijzondere situaties kan van de periode van jaar -1 worden afgeweken. Hiervan is in ieder geval sprake als de periode tussen de aanvraag en jaar -1 langer is dan 12 maanden.
**2..** Het bruto-inkomen bedoel in lid 1 wordt verminderd met het netteringspercentage van dat jaar.
**3..** Overige bruto-inkomsten die niet zijn onderworpen aan voorheffing loonbelasting, maar waarover wel IB/PVV is verschuldigd, worden, in afwijking van artikel 6 lid 4, verminderd met het ten tijde van de aanvraag geldende netteringspercentage.
**4..** Als toepassing van lid 2 en 3 leidt tot een lager inkomen dan op basis van de door de Belastingdienst opgelegde Voorlopige Aanslag over het jaar waarin de aanvraag wordt gedaan wordt het bruto-inkomen bedoeld in lid 2 en de overige bruto-inkomsten als bedoeld in artikel 3 niet verminderd met het netteringspercentage, maar met het bedrag van de opgelegde Voorlopige Aanslag IB/PVV en premie Zvw.
Artikel 6a
– Inkomen van zelfstandigen
Onderdeel van Beleidsregel inkomensondersteuning Participatiewet 2025 gemeente Boekel