De huidige wachtlijst voor kandidaat huurders van een woonwagenstandplaats zal 1-op-1 worden overgezet naar de Woningzoeker12Website waarop het aanbod van huurwoningen en woonwagenstandplaatsen worden gepubliceerd door woningcorporaties en de gemeente. Dat heeft te maken met een manier waarop de gemeente en de woningcorporaties het toewijzen van de in verhuur vrijkomende woonwagenstandplaatsen wil organiseren. Kandidaat huurders op de huidige gemeentelijke wachtlijst voor een woonwagenstandplaats zullen daar geen relevant nadeel van ondervinden. Want zoals hiervoor in paragraaf 3.1 aangegeven, heeft een kandidaat huurder die langer op die wachtlijst staat een grotere kans op toewijzing via de Woningzoeker van een vrijkomende woonwagenstandplaats.
Toewijzingscriteria bestaande woonwagenstandplaatsen
Om in aanmerking te kunnen komen voor een vrijkomende woonwagenstandplaats moet de kandidaat huurder, middels een uittreksel van het BRP, kunnen aantonen dat de kandidaat zelf of tenminste één van de ouders vóór 1 maart 1999 in een woonwagen heeft gewoond. Vervolgens vindt de selectie van de kandidaat huurder plaats op basis van de volgende prioriteringsvolgorde:
De kandidaat woont minimaal vijf jaar voorafgaand aan de einddatum van het huurcontract als (minderjarig) kind of kleinkind van de hoofdhuurder op de vrijgekomen woonwagenstandplaats. Bij gelijke registratiedatum gaat de oudste in leeftijd voor;
De kandidaat is een uitwonend kind of kleinkind van de hoofdhuurder. Bij gelijke registratiedatum gaat de oudste in leeftijd voor;
De kandidaat woont minimaal vijf jaar voorafgaand aan de einddatum van het huurcontract met als peildatum de datum van inwerkingtreding van de onderhavige toewijzingsregels, op de woonwagenlocatie waar de standplaats is vrijgekomen. Bij gelijke registratiedatum gaat de oudste in leeftijd voor;
De kandidaat heeft een familieband met andere bewoners op de locatie, waar de standplaats is vrijgekomen. Bij gelijke registratiedatum gaat de oudste in leeftijd voor.
Alle overige kandidaten, waarbij kandidaten woonachtig in Kampen zijn hebben voorrang op kandidaten die niet in Kampen woonachtig zijn. Vervolgens wordt de volgorde bepaald door de registratiedatum in Woningzoeker. Bij gelijke registratiedatum gaat de oudste in leeftijd voor;
Een kandidaat huurder is uitgesloten voor vrijkomende woonwagenstandplaatsen, indien:
De kandidaat op de Woningzoeker een gerechtelijk vonnis niet is nagekomen ten aanzien van een (andere) standplaats binnen de gemeente Kampen.
Bijzondere situaties:
Tot slot kan de gemeente in bijzondere situaties (zoals bijvoorbeeld: openbare orde, woonfraude en slecht huurderschap) besluiten om af te wijken van de hierboven vermelde prioriteitsvolgorde.
Toewijzingscriteria nieuwe woonwagenstandplaatsen
Om in aanmerking te kunnen komen voor een standplaats op een nieuw gerealiseerde woonwagenlocatie moet de kandidaat huurder, middels een uittreksel van het BRP, kunnen aantonen dat de kandidaat zelf of tenminste één van de ouders vóór 1 maart 1999 in een woonwagen heeft gewoond. Vervolgens vindt de selectie van de kandidaat huurder plaats op basis van de volgende prioriteringsvolgorde:
De kandidaat woont momenteel bij zijn/haar ouders of voorouders in een woonwagen, op één van de van de woonwagenstandplaatsen in de gemeente Kampen. De kandidaat moet dit middels een uittreksel van het BRP kunnen aantonen. Bij gelijke registratiedatum gaat de oudste in leeftijd voor;
De kandidaat, of één van de ouders, woont of heeft gewoond op één van de woonwagenstandplaatsen in de gemeente Kampen. Waarbij de kandidaat zelf niet langer dan vijf jaar woonachtig is op een andere plek dan één van de woonwagenstandplaatsen in de gemeente Kampen. De kandidaat moet dit middels een uittreksel van het BRP kunnen aantonen. Bij gelijke registratiedatum gaat de oudste in leeftijd voor;
De kandidaat, of één van de ouders, woont of heeft gewoond op één van de woonwagenstandplaatsen in de gemeente Kampen. De kandidaat moet dit middels een uittreksel van het BRP kunnen aantonen. Bij gelijke registratiedatum gaat de oudste in leeftijd voor;
Alle overige kandidaten, waarbij kandidaten woonachtig in Kampen zijn hebben voorrang op kandidaten die niet in Kampen woonachtig zijn. Vervolgens wordt de volgorde bepaald door de registratiedatum in Woningzoeker. Bij gelijke registratiedatum gaat de oudste in leeftijd voor;
Een kandidaat huurder is uitgesloten voor vrijkomende woonwagenstandplaatsen, indien:
De kandidaat op de Woningzoeker een gerechtelijk vonnis niet is nagekomen ten aanzien van een (andere) standplaats binnen de gemeente Kampen.
Bijzondere situaties:
Tot slot kan de gemeente in bijzondere situaties (zoals bijvoorbeeld: openbare orde, woonfraude en slecht huurderschap) besluiten om af te wijken van de hierboven vermelde prioriteitsvolgorde.
Bewijsstukken
Voor een ordentelijke toewijzingsprocedure, zal de kandidaat gevraagd worden om enkele documenten aan te leveren. Dit zijn de volgende documenten:
Legitimatiebewijs. Dit is bedoeld om te kunnen controleren of de gegevens kloppen en de kandidaat ook echt de persoon is die de kandidaat zegt te zijn.
Uittreksel Basis Registratie Personen (BRP). Dit is bedoeld om te kunnen controleren waar de kandidaat nu woont/ingeschreven staat.
Inkomensverklaring (IB60-formulier). Dit is bedoeld om te kunnen controleren of de kandidaat over voldoende inkomen beschikt om de huur te kunnen betalenI.
Verhuurdersverklaring (indien beschikbaar). Dit is bedoeld om te controleren of de kandidaat in het verleden het gedrag van slecht huurderschap heeft vertoond.
Huurprijsbeleid
Het uitgangspunt bij de bepaling van de huurprijs van de woonwagenstandplaats is dat de hoogte van de huursom wordt bepaald op basis van de ‘Huurprijscheck woonwagens en standplaatsen’13De grondslag is de uitvoeringswet en de Uitvoeringsregeling huurprijzen woonruimte wetten.nl - Regeling - Uitvoeringsregeling huurprijzen woonruimte - BWBR0015386 van de huurcommissie.
Jaarlijks zal de huur voor een woonwagen of woonwagenstandplaats worden verhoogd met het landelijk jaarlijks vast te stellen percentage14De toegestane huurprijzen en de jaarlijkse huurverhoging zijn gereguleerd in het Burgerlijk Wetboek en de Uitvoeringswet Huurprijzen Woonruimte. Voor de meeste huishoudens mag de huur jaarlijks niet meer stijgen dan met een door de minister vastgesteld percentage.. De toewijzende instantie volgt hiervoor het huurprijsbeleid.
Bibob-toets
Op basis van de Beleidsregel Bibob gemeente Kampen 2024 kan de gemeente een Bibob-onderzoek starten15In het Bibob-beleid van de gemeente Kampen is in hoofdstuk 3 artikel 7 vastgelegd wanneer een Bibob-toets wordt gedaan bij privaatrechtelijke transacties. als hiertoe aanleiding bestaat door eigen ambtelijke informatie of op basis van informatie van een van de partners uit het samenwerkingsverband RIEC16Het Regionale Informatie- en Expertisecentra, welke overheden helpt bij de aanpak van ondermijning. Bij de start van de onderhandelingen over de huurovereenkomst zal de gemeente Kampen kenbaar maken aan de potentiële huurder dat een eigen onderzoek onderdeel uit kan maken van de procedure.
Bij het opstellen van de huurovereenkomst wordt een integriteitsclausule opgenomen. Op basis hiervan kan overgegaan worden tot ontbinding, opzegging, vernietiging of opschorting van de huurovereenkomst indien dit op grond van de uitkomsten van het onderzoek noodzakelijk blijkt te zijn.
Dit is niet van toepassing als de woningcorporatie de toewijzende instantie is.17Dit staat omschreven in artikel 2 sub c van het Bibob-beleid
Beheer
Bij huurstandplaatsen is de huurder van de woonwagenstandplaats verantwoordelijk voor het gebruikersbeheer van zowel de woonwagenstandplaats als de woonwagen. De verhurende instantie is vanuit haar rol als verhuurder eindverantwoordelijk voor het beheer van de woonwagenstandplaats. Om het beheer van de locaties te waarborgen is het noodzakelijk om tenminste éénmaal per jaar een beheerronde te maken langs de verschillende woonwagenlocaties.
Op dit moment beheert de gemeente de woonwagenstandplaatsen zelf via een centraal aanspreekpunt. Hier worden alle taken en vragen rondom de woonwagenstandplaatsen opgepakt.
Het centraal aanspreekpunt houdt overzicht op zaken als:
Omgevingsvergunningen;
Huurachterstanden;
Controleren van toewijzingen van woonwagenstandplaatsen
Periodieke bezoeken op locatie voor bijvoorbeeld vervuiling of ongeoorloofde aan- of bouwwerken;
Onderhoud (geldt alleen voor de sanitaire units en bergingen plus de infrastructuur vanaf deze units tot aan de put onder de woonwagen);
Bestrijding woonfraude; en
Bemiddeling in conflicten.
Dit centrale aanspreekpunt voor alle woonwagenzaken is overzichtelijk en kan daardoor ook snel schakelen bij vroegsignalering bij huurachterstanden.
Als deze vertrouwensband er eenmaal is, dan bevordert dat de samenwerking tussen de bewoners en de gemeente. De gemeente is door deze band beter op de hoogte van de stand van zaken binnen de lokale gemeenschap en kan hierdoor proactief beleid voeren. De gemeente kan ertoe besluiten om, in overleg met de woningbouwcorporaties, het beheer over te dragen aan de woningcorporaties.
Facturatie, inning en invordering
De gemeente voert de administratieve taken uit op het gebied van de huur en -incasso op de woonwagenstandplaatsen. Er wordt een actief invorderings- en incassobeleid gevoerd. In het uiterste geval kan de woonwagenstandplaats ontruimd worden door het laten verwijderen van de woonwagen van het terrein. Ook geldt sinds 2021 een informatieplicht bij betalingsachterstanden. Het hebben van een huurachterstand kan ook van invloed zijn op de toewijzing van een nieuwe woonwagenstandplaats.
Het standaard proces voor inning van de huurachterstanden gaat als volgt:
Bij een niet-betaalde maandhuur, betaling binnen 30 dagen, wordt een herinnering met een betaaltermijn van 14 dagen verzonden.
Bij het uitblijven van een betaling zal een ingebrekestelling worden verzonden met een betaaltermijn van 10 dagen.
Bij het uitblijven van een betaling na de ingebrekestelling wordt een laatste sommatie verzonden met een betaaltermijn van 15 dagen.
Als binnen de betaaltermijn van de laatste sommatie niet is betaald, wordt de invordering overgedragen aan de deurwaarder. Er worden extra kosten in rekening gebracht als er niet direct een betaling wordt gedaan. Tevens zal de vordering worden aangemeld bij de instantie die helpt bij schuldhulpverlening.
Naar aanleiding van de voorgaande brieven is het nog steeds mogelijk om een betalingsregeling af te sluiten. Als de invordering is overgedragen aan de deurwaarder, zal deze afspraak met de deurwaarder gemaakt dienen te worden.
Als betaling achterwege blijft en met de deurwaarder ook geen betalingsregeling wordt afgesproken, wordt een gerechtelijke procedure gestart. Het bewaken van de voortgang ligt bij het centrale aanspreekpunt voor woonwagenbeheer en invordering.
Als de woningcorporatie de toewijzende instantie is, dan zal zij haar eigen incassoprocedure hanteren.
Proces bij verhuur
FIGUUR 2 PROCES UITGIFTE HUURSTANDPLAATSEN
Procescontrole van inschrijving
FIGUUR 3 PROCES CONTROLE WOONWAGENSTANDPLAATSEN
Hoofdstuk 3.
Artikel 3.3.
Uitgangspunten bij verhuur
Onderdeel van Uitvoeringsplan woonwagenzaken gemeente Kampen 2025