De exploitant die in strijd handelt met het bij of krachtens deze verordening bepaalde, of zich aan wangedrag of bedrog op de kermis schuldig maakt, een andere kermisexploitant in de uitoefening van hun taak belemmert, dan wel direct of indirect de orde op de kermis verstoort of in gevaar brengt, één en ander ter beoordeling van burgemeester en wethouders, kan, onverminderd het bepaalde in de artikelen 9 en 23, door burgemeester en wethouders gelast worden zich met zijn attractie van het kermisterrein te verwijderen binnen de tijd die daarvoor door het college van burgemeester en wethouders wordt gegeven, aan welke last onmiddellijk gevolg dient te worden gegeven.