Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.1

Artikel 3.1.5

Hoeveelheid strooimiddel

Onderdeel van Gladheidbestrijding 2025-2028

De te gebruiken hoeveelheid strooimiddel is afhankelijk van de optredende gladheid. Bij sneeuwval of optredende ijzel zal meer zout gebruikt worden dan bij bevriezing. De gemeente Horst aan de Maas richt zich, wat betreft de strooihoeveelheid, naar de “richtlijnen C.R.O.W “. In de praktijk worden de volgende richtwaarden gehanteerd: Preventief Verwachte temperatuur Dosering natstrooien Droogstrooien Voorkoming bevriezing 0/-5 7 gr./m² niet geschikt Mist/dauw -5/-10 10 gr² niet geschikt Voorkoming 0/-5 10 gr² niet geschikt Regen/ijzel -5/-10 15 gr² niet geschikt Voorkoming 0/-5 15 gr² niet geschikt Sneeuw/ijzel -5/-10 20 gr² niet geschikt Curatief Verwachte temperatuur Dosering natstrooien Dosering Droogstrooien Bevriezing 0/-5 10 gr² 15 Mist/dauw -5/-10 20 gr² 25 IJzel 0/-5 15 gr² 20 -5/-10 25 gr² 30 Sneeuw 0/-5 20 gr² 30 -5/-10 25 gr² 40 Bovengenoemde waarden gelden voor een normale asfaltbeton/klinkerweg. In geval van ZOAB wordt natzout strooien met een dubbele dosering geadviseerd. Bij aanhoudende gladheid wordt geadviseerd om de actie om de 2 à 3 uur te herhalen!

Rechtspraak bij dit artikel