In dit besluit wordt verstaan onder:

  • - mandaat: de bevoegdheid om in naam van een bestuursorgaan besluiten te nemen als bedoeld in artikel 10:1 van de Algemene wet bestuursrecht;
  • - volmacht: de bevoegdheid om in naam van een bestuursorgaan privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten;
  • - machtiging: de bevoegdheid om in naam van een bestuursorgaan feitelijke handelingen te verrichten die noch een besluit noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn;
  • - ondertekeningsmandaat: de bevoegdheid tot het namens een bestuursorgaan ondertekenen van een door dat bestuursorgaan genomen besluit;
  • - mandaatgever: het bestuursorgaan dat de bevoegdheid laat uitoefenen door een ander;
  • - gemandateerde: degene die in opdracht van het bestuursorgaan de bevoegdheid uitoefent;
  • - ondermandaat: de gemandateerde verleent mandaat aan een ander;
  • - feitelijke handeling: een handeling die noch een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling betreft.