Het duurzaam sportpark is een ontmoetingsplaats voor alle inwoners. De verenigingen zijn hoofdgebruikers maar geen exclusieve gebruikers. Zij delen daarom de faciliteiten met andere belanghebbenden ten behoeve van maatschappelijke doelen rond het bevorderen van sociale cohesie, gezondheid en natuur. Dit medegebruik heeft daarnaast tot doel om het effectieve gebruik van faciliteiten te verhogen. Leegstand gedurende een deel van de dag is immers onwenselijk als faciliteiten in die uren ook nuttig voor de gemeenschap kunnen worden ingezet. De Gemeenteraad onderschrijft de visie die hierover door het Kernteam is opgesteld, in aanmerking nemende dat deze visie een levend document is dat kan meegroeien met ontwikkelingen. Andere verenigingen kunnen ook later nog aansluiten, met respect op reeds behaalde resultaten.
De gemeenteraad kiest als vertrekpunt, dat de gemeente in het duurzaam sportpark de infrastructuur vernieuwt en daarvan eigenaar is en blijft. De investering wordt budgettair onder meer gedragen uit besparingen op onderhoudskosten, subsidies van derden en eigen inbreng van de verenigingen.
Bespaarde onderhoudskosten zijn een dragend onderdeel van de initiële investering. Concreet betekent dit, dat de verenigingen inhoudelijk en financieel verantwoordelijk worden voor beheer en onderhoud. Hiervoor wordt te zijner tijd een juridisch passende beheervorm2De beheervorm wordt vergelijkbaar met de huidige bruikleenovereenkomst, maar de exacte juridische vormgeving wordt nader uitgewerkt. afgesproken. De gebruikers maken een Meerjarig Onderhoudsprogramma, om het sportpark als ‘goed huisvader’ te beheren en te onderhouden. Burgemeester en wethouders blijft op het beheer en onderhoud jaarlijks toezicht houden.
De gemeente stelt aan de hand van objectieve normeringen (concreet de normen KNVB en KNLTB en in de sector gangbare kwaliteitsmaatstaven) vast welke omvang en vorm het sportpark mag hebben. Dit wordt door burgemeester en wethouders getoetst. Burgemeester en wethouders bewaken daarbij ook de budgettaire en ruimtelijke randvoorwaarden.
Voorafgaande aan het moment dat de definitieve ontwerpen in procedure gaan voor omgevingsvergunning en aanbesteding, worden deze nog bij de raad aangeboden ter vaststelling.