1. 1. Het college nodigt een huishouden uit om over 2025 een aanvraag voor de vaste tegemoetkoming in te dienen indien:
    • - het huishouden voor het kalenderjaar 2025 nog geen vaste tegemoetkoming toegekend heeft gekregen;
    • - voor het kalenderjaar 2025 het Burgerservicenummer van de meestverdienende partner in het huishouden niet is verstrekt aan het college op grond van artikel 78gg, vijfde lid, Participatiewet;
    • - op basis van de bij het college bekende gegevens het college vermoedt dat het huishouden aanspraak kan maken op de vaste tegemoetkoming en
    • - de meestverdienende partner ingeschreven staat in de gemeente;
    • - Het college kan de vaste tegemoetkoming toekennen als op 1 januari van het betreffende kalenderjaar niet aan de voorwaarden is voldaan, maar wel later in het kalenderjaar, dan wordt de beoordeling als genoemd in artikel 1 onder a verschoven naar de datum in het betreffende kalenderjaar waarop wel aan de voorwaarden wordt voldaan.
  2. 2. Het college nodigt het huishouden uit om over 2026 en/of 2027 een aanvraag voor de vaste tegemoetkoming in te dienen, indien:
    • - het huishouden voor 2026 en/of 2027 nog geen vaste tegemoetkoming toegekend heeft gekregen;
    • - voor 2026 en 2027 het Burgerservicenummer van de meestverdienende partner in het huishouden niet is verstrekt aan het college op grond van artikel 78gg, vijfde lid, Participatiewet;
    • - op basis van de bij het college bekende gegevens het college vermoedt dat het huishouden aanspraak kan maken op de vaste tegemoetkoming en
    • - de meestverdienende partner ingeschreven staat in de gemeente.
    • - Het college kan de vaste tegemoetkoming toekennen als op 1 januari van het betreffende kalenderjaar niet aan de voorwaarden is voldaan, maar wel later in het kalenderjaar, dan wordt de beoordeling als genoemd in artikel 1 onder a verschoven naar de datum in het betreffende kalenderjaar waarop wel aan de voorwaarden wordt voldaan.