Naar hoofdinhoud

Artikel 36a

Artikel 36a

Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling Het Utrechts Archief

1. . Het dagelijks bestuur inventariseert de gevolgen van de uittreding, de wijze waarop met deze gevolgen kan of moet worden omgegaan en de voorwaarden voor uittreding, die nadien worden vastgelegd in een door het algemeen bestuur vast te stellen uittredingsplan. 2. . Het uittredingsplan bevat de financiële, juridische, personele en organisatorische consequenties die gedurende een periode van vijf jaar het directe gevolg zijn van de uittreding. Ook bevat het uittredingsplan de uittreedsom die betaald moet worden door de uittredende partij. 3. . Uiterlijk zes maanden na het besluit van uittreding stelt het algemeen bestuur het uittredingsplan vast. De daarin voor de uittredende partij omschreven financiële verplichtingen zijn bindend. Het algemeen bestuur kan bij unanimiteit afwijken van de in dit lid bepaalde termijn. 4. . Nadat het uittredingsplan is vastgesteld, is de uittredende partij gehouden om binnen zes maanden de daarin voor de uittredende partij omschreven financiële verplichtingen aan de regeling te voldoen. Het algemeen bestuur kan bij unanimiteit afwijken van de in dit lid bepaalde termijn. 5. . Voor wat betreft de juridische, personele en organisatorische consequenties geldt dat het algemeen bestuur met de uittredende partij de mogelijkheid tot overname van personeel, activa en contracten onderzoekt. Het voorgaande behoeft echter niet te leiden tot wijziging van overeenkomsten met en verplichtingen jegens derden die zijn aangegaan respectievelijk bepaald voorafgaand aan het tijdstip van ontvangst door het algemeen bestuur van het besluit tot uittreding van de uittredende partij.

Rechtspraak bij dit artikel