Indien het niet of niet behoorlijk nakomen van de inlichtingenplicht bedoeld in artikel 44 van de WIJ heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van de inkomensvoorziening, wordt de verlaging afgestemd op de hoogte van het benadelingsbedrag.
Onverminderd artikel 2, tweede lid, wordt de verlaging op de volgende wijze vastgesteld:
bij een benadelingsbedrag tot € 1.000,-: 10% van de WIJ-norm gedurende een maand;
bij een benadelingsbedrag van € 1.000,- tot € 2.000,-: 20% van de WIJ-norm gedurende een maand;
bij een benadelingsbedrag van € 2.000,- tot € 4.000,-: 40% van de WIJ-norm gedurende een maand;
bij een benadelingsbedrag van € 4.000,- of meer: 100% van de WIJ-norm gedurende een maand.
Indien de inkomensvoorziening beëindigd is, wordt de verlaging met terugwerkende kracht opgelegd.
Indien het niet of niet behoorlijk nakomen van de inlichtingenplicht bedoeld in artikel 44 van de WIJ niet heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van de inkomensvoorziening wordt, onverminderd artikel 2, tweede lid, een verlaging opgelegd van vijf procent van de inkomensvoorziening gedurende een maand.
Hoofdstuk 3.
Artikel 13.
Verstrekken van onjuiste of onvolledige inlichtingen
Onderdeel van Verordening afstemming 2009 Wet investeren in jongeren