Degene die mandaat krijgt voor het uitoefenen van een bevoegdheid, is met betrekking tot die

bevoegdheid tevens bevoegd tot:

  • - het verrichten van alle benodigde (voorbereidings)handelingen;
  • - het voeren van correspondentie;
  • - het verdagen van de beslissing;
  • - het ondertekenen van de betreffende stukken;
  • - het verstrekken van informatie;
  • - het plaatsen van publicaties (van aanvragen, ontwerpen, concepten e.d.);
  • - overige direct met de gemandateerde bevoegdheid samenhangende handelingen;
  • - inschrijvingen in registers.