De gemeenten Oost Gelre en Berkelland zien de in de RES 1.0 genoemde opgave voor hun zoekgebieden als een gezamenlijke opgave, dus los van de exacte onderverdeling per gemeente in zoekgebied K. Windmolens of een windpark moet(en) altijd gelegen zijn in een voorkeurszoekgebied uit de RES, zijnde de zoekgebieden K en I uit de RES 1.08 de overige zoekgebieden uit bijlage 1 uit de RES 1.0 zijn in deze beleidsregel uitgesloten. De RES 2.0 kan aanleiding zijn om deze beleidsregel te herzien.. De gemeenten verlenen geen medewerking aan een locatie buiten deze zoekgebieden. Per zoekgebied wordt uitgegaan van één windpark, dat betekent dat er één integraal totaalplan moet zijn binnen het gebied. Dit mag ook één project zijn met meerdere initiatiefnemers of meerdere initiatieven binnen één ruimtelijk plan. Het uitgangspunt betreft in dat geval een samenwerkingsverband tussen betreffende partijen. Voor gemeente Berkelland geldt dat grote windmolens alleen zijn toegestaan in zoekgebied K. Voor gemeente Oost Gelre geldt dat grote windmolens alleen zijn toegestaan in zoekgebied K en I.
Voor de opstelling en inrichting van windmolens of een windpark geldt het volgende:
De in de RES 1.0 genoemde gezamenlijke opgave moet (minimaal en maximaal) binnen de mogelijkheden van de landelijke regelgeving zo goed mogelijk worden ingevuld door een initiatief of combinatie van initiatieven in 1 ruimtelijk plan.
Een ruimtelijk plan voor windenergie bestaat uit ten minste twee windmolens. Solitaire windmolens zijn in een ruimtelijk plan dus niet toegestaan.
De opstelling van de windmolens in het windpark moet daarbij als eenheid te lezen zijn. De windmolens hebben daarom dezelfde kleur en verschijningsvorm en zijn zoveel mogelijk van hetzelfde type met gelijke afmetingen voor (as)hoogte en rotordiameter. Voorkeur wordt gegeven aan een lichtgrijze kleur van de windmolens, aangezien deze kleur tegen de wolken wegvalt.
Een windpark moet opgesteld staan in een goede ruimtelijke eenheid, zoals een lijn- of clusteropstelling. De keuze is daarbij afhankelijk van de concrete locatie en de landschappelijke (omgevings-)context.
Wanneer in de toekomst de RES is geborgd in het provinciaal beleid en daarvan deel uitmaakt, dan bestaat de mogelijkheid om initiatieven uit te sluiten die niet passen in de RES, de huidige Elektriciteitswet 1998 of de toekomstige Energiewet waarmee de Eerste Kamer op 10 december 2024 instemde.
Hoofdstuk 4. › Paragraaf 4.1
Artikel 4.1.1
Randvoorwaarden locatie
Onderdeel van Beleidsdocument grote windmolens