(uitwerking van hoofdstuk 2 artikel 3 van de verordening)

Bij een aanvraag voor een vervoersvoorziening voor leerlingen wordt de zelfstandigheid en zelfredzaamheid van de leerling en het gezin beoordeeld. De gemeente kan ervoor kiezen een gesprek te voeren als onderdeel van het onderzoek. Dit gesprek heeft tot doel aanvullende informatie te verkrijgen over de situatie van de leerling en het gezin. In de volgende situaties is er ieder geval een gesprek:

  • - Nieuwe aanvragen: Bij een eerste aanvraag voor leerlingenvervoer door een nieuwe leerling.
  • - Overgang naar voortgezet onderwijs: Bij een aanvraag van een leerling die de overstap maakt van basisonderwijs naar voortgezet onderwijs.
  • - Ontwikkelingsperspectief: Bij leerlingen waarvan in het ontwikkelingsperspectief is opgenomen dat zij op een specifieke leeftijd of in een bepaalde klas een gesprek krijgen.
  • - Op verzoek van de ouders en/of de leerling.

Indien nodig kan de gemeente ervoor kiezen om bij het gesprek een medewerker uit een ander domein of een relevante deskundige te betrekken. Deze kunnen een inhoudelijke bijdrage leveren aan het vaststellen van de noodzaak en haalbaarheid van de aangevraagde vervoersvoorziening.

De resultaten van het onderzoek en de bevindingen uit het gesprek worden vastgelegd in een onderzoeksrapportage. Deze rapportage vormt de basis voor de besluitvorming omtrent de aanvraag voor leerlingenvervoer.