1. Belastingplichtig voor het haven- en bruggeld is degene die van de bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt of degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie de dienst wordt verricht. Daaronder te verstaan de schipper, de reder, de eigenaar van het schip, degene aan wie het schip in gebruik is gegeven, of degene die als vertegenwoordiger voor één van dezen optreedt.

2. Belastingplichtig voor het kade en liggeld is:

a. ten aanzien van de aangevoerde goederen: degene die de goederen heeft doen aanvoeren;

b. ten aanzien van geloste goederen: degene voor wie de goederen bestemd zijn.