Als de constatering dat sprake is van een situatie zoals bedoeld in artikel 13b van de Opiumwet, zowel betrekking heeft op een woning en/of een daarbij behorend erf, als een lokaal en/of een daarbij behorend erf, en bovendien sprake is van een samenhangend geheel, dan worden de artikelen 2.1 en 2.3 (voor ‘woningen en daarbij behorende erven’) toegepast.