Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 4.6

Begunstigingstermijn

Onderdeel van Beleidsregels Artikel 13b Opiumwet (Damoclesbeleid) gemeente Huizen 2025

In een last onder bestuursdwang moet in de regel een begunstigingstermijn worden opgenomen (artikel 5:24, tweede lid, Awb). Begunstiging houdt in dat de overtreder de gelegenheid krijgt om aan het opgelegde bevel – de sluitingsmaatregel – te voldoen op eigen kracht. Deze termijn moet zodanig zijn dat in redelijkheid de betrokkene de gelegenheid heeft gevolg te geven aan het bevel. Wel zal altijd het slot worden vervangen en/of het gesloten pand worden verzegeld. Dit om te voorkomen dat er nog steeds toegang kan worden verkregen tot de woning en in verband met de beoogde signaalwerking. Van bovenstaande kan worden afgeweken als er uit oogpunt van openbare orde en/of veiligheid sprake is van een spoedeisende situatie. In geval van een spoedeisende situatie kan de burgemeester besluiten bestuursdwang toe te passen zonder voorafgaande last en zonder het bieden van een begunstigingstermijn. In dat geval wordt tot onmiddellijke sluiting overgegaan en wordt het bevel vervolgens schriftelijk bekend gemaakt aan de overtreder (artikel 5:31 Awb). Bij het toepassen van de last onder dwangsom wordt in het geval van handelshoeveelheden drugs (als bedoeld in artikel 13b, eerste lid, onder a, van de Opiumwet) geen begunstigingstermijn gegeven. Er wordt immers in dat geval van de overtreder slechts verlangd/gelast dat hij/zij nalaat om een (nieuwe) overtreding op grond van de Opiumwet te plegen. Bij voorbereidingshandelingen (als bedoeld in artikel 13b, eerste lid, onder b, van de Opiumwet) kan onder omstandigheden, afhankelijk van de last onder dwangsom, wel een begunstigingstermijn worden geboden, namelijk voor zover de last ertoe strekt de goederen en stoffen die verband houden met de voorbereidingshandeling af te (laten) voeren en te (laten) vernietigen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel