Artikel 8 van het EVRM bepaalt dat eenieder het recht heeft op respect voor het privé- en familie- en gezinsleven en zijn woning. In het tweede lid is bepaald dat geen inmenging van enig openbaar gezag is toegestaan in de uitoefening van dit recht, dan voor zover bij de wet is voorzien en in een democratische samenleving noodzakelijk is in het belang van – voor zover relevant – de openbare veiligheid, het voorkomen van wanordelijkheden en strafbare feiten, de bescherming van de gezondheid of de goede zeden of voor de bescherming van de rechten en vrijheden van anderen.
Artikel 13b Opiumwet kan inbreuk maken op dit recht, maar is – zoals vereist – voorzien in een wet in formele zin en rechtvaardigt de inbreuk in het belang van de openbare veiligheid, ter voorkoming van strafbare feiten en om de rechten vrijheden van anderen te beschermen. Een inbreuk op artikel 8 van het EVRM op grond van artikel 13b Opiumwet is daarom – mits voldaan wordt aan de in paragraaf 4.4 uitgewerkte evenredigheidstoets – gerechtvaardigd.
Hoofdstuk 4.
Artikel 4.7
Rechtvaardiging van de inbreuk artikel 8 EVRM
Onderdeel van Beleidsregels Artikel 13b Opiumwet (Damoclesbeleid) gemeente Huizen 2025