Zonnepanelen en -collectoren die vallen onder categorie 3 van artikel 5.1 zijn niet toegestaan.
Voor zonnepanelen en -collectoren die vallen onder categorie 1 en 2 van artikel 5.1 gelden de volgende regels:
de bestaande oude, historische dakpannen als onderliggende dakbedekking worden behouden;
als de dakbedekking riet is, kunnen de zonnepanelen en -collectoren in de dakbedekking gelegd worden;
gebruik één type per dakvlak; op één dakvlak kunnen niet en panelen en collectoren;
leg de zonnepanelen indien mogelijk op het dak van het schuur- of staldeel van de boerderij,
waarbij als de zonnepanelen (redelijkerwijs) niet mogelijk zijn op het (voormalig) schuur- of staldeel en op het oorspronkelijke woongedeelte van de boerderij komen, zie verder criteria voor hoofdgouwen artikel 11;
Plaatsing
de zonnepanelen en -collectoren liggen
geheel binnen het dakvlak, waarbij de hellingshoek is gelijk aan die van het dakvlak;
op een centrale plek op het dak, op ruime afstand tot de dakranden;
niet op de korte zijde van een schilddak, wolfseind, ed.;
niet voorbij de lijn waar hoek- of kilkepers beginnen (zie afbeelding 1);
Vormgeving
de panelen liggen aaneengesloten in een rechthoek;
waarbij onderbrekingen in het dakvlak zoals dakkappelen, schoorstenen en dakvensters de gesloten vorm niet aantasten;
de zonnepanelen worden in dezelfde richting geplaatst (allen staand of allen liggend);
Kleur en materiaal
de zonnepanelen en -collectoren zijn van een egale, matte kleur in zwart, antraciet, donkergrijs of van een overeenkomende kleur met het achterliggende dakvlak, zonder contrasterende randen en rasterpastronen e.d., waardoor er een egaal vlak ontstaat;
de zonnepanelen en -collectoren op hetzelfde dakvlak zijn van hetzelfde type, kleur en formaat.
Voor zonnepanelen en -collectoren die vallen binnen categorie 2 van artikel 5.1 gelden de volgende aanvullende regels:
Plaatsing
zonnepanelen en -collectoren zijn een ondergeschikte toevoeging aan een het gebouw, waarbij
ten minste 50% van het oorspronkelijke dakvlak zichtbaar blijft;
de panelen zo ver mogelijk naar achter liggen (gezien vanaf het openbaar toegankelijk gebied) of zo min mogelijk in het zicht komen te liggen.
Hoofdstuk
Artikel 10.