Indien het gebouw een bijzondere kapvorm (gebogen, piramide, of samengestelde kap) heeft, is ook artikel 9 van toepassing.
Indien het gebouw een (voormalige) boerderij of woonboerderij is, is artikel 10 van toepassing.
Zonnepanelen en -collectoren die vallen onder categorie 3 van artikel 5.1 zijn niet toegestaan.
Voor zonnepanelen en -collectoren die vallen onder categorie 1en 2 van artikel 5.1 gelden de volgende regels:
de dakbedekking waarop de zonnepanelen worden geplaatst, bestaat niet uit kwetsbare en historisch waardevolle materialen zoals koper of zink;
de bestaande oude, historische dakpannen als onderliggende dakbedekking worden behouden;
als de dakbedekking riet is, kunnen de zonnepanelen en -collectoren in de dakbedekking gelegd worden;
gebruik één type per dakvlak: op één dakvlak kunnen niet en zonnepanelen en zonnecollectoren;
de plaatsing van zonnepanelen en -collectoren bij rijenwoning: zo veel mogelijk in rustig ogend beeld; rechthoekig legplan, egaal zwart, indien mogelijk zelfde typen en grootte van de panelen en dezelfde positie op dak;
Plaatsing
de zonnepanelen en -collectoren liggen geheel binnen het dakvlak en de hellingshoek is gelijk aan die van het dakvlak;
zonnepanelen en -collectoren op kleine schuine vlakken van bijv. een dakkapel, of op de korte zijde van een schilddak, wolfseind, e.d. zijn niet toegestaan;
de zonnepanelen en -collectoren liggen niet voorbij de lijn waar hoek- of kilkepers beginnen (zie afbeelding 1);
Vormgeving
de zonnepanelen en -collectoren liggen aaneengesloten in een rechthoek;
hierbij tasten onderbrekingen in het dakvlak zoals dakkapellen, schoorstenen en dakvensters de gesloten vorm niet aan;
de zonnepanelen en -collectoren worden in dezelfde richting geplaatst (allen staand of allen liggend);
Kleur en materiaal
de zonnepanelen en -collectoren zijn van een egale, matte kleur in zwart, antraciet, donkergrijs of van een overeenkomende kleur met het achterliggende dakvlak, zonder contrasterende randen en rasterpatronen e.d., waardoor er een egaal vlak ontstaat;
zonnepanelen en -collectoren op hetzelfde dakvlak dienen van hetzelfde type, kleur en formaat te zijn.
Voor zonnepanelen en -collectoren die vallen binnen categorie 2 van artikel 5.1 gelden de volgende aanvullende regels:
Plaatsing
de zonnepanelen en -collectoren zijn een ondergeschikte toevoeging het gebouw;
rondom het vlak met zonnepanelen wordt minimaal 0,50 meter ruimte naar de dakranden gehouden;
ten minste 50% van het zichtbare dakvlak wordt niet bedekt;
de panelen komen te liggen op het deel van het dak dat zo ver mogelijk uit het zicht ligt / het minst zichtbaar zijn;
rooi de panelen minimaal 3m terug ten opzichte van de voorgevellijn van het gebouw.
Afbeelding 4: goede en foute voorbeelden
Hoofdstuk
Artikel 11.