**1..** Het college kan de toestemming voor parttime ondernemen in ieder geval beëindigen of in trekken als:
de belanghebbende niet meer voldoet aan de voorwaarden en/of verplichtingen uit deze beleidsregels;
de belanghebbende zich niet meer houdt aan de (aanvullende) verplichtingen die op grond van artikel 9 of 55 PW of artikel 37 IOAW volgens deze beleidsregels zijn opgelegd;
de belanghebbende ondersteuning of bijstand kan krijgen op grond van het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004, inclusief de voorbereidingsperiode;
de belanghebbende begeleiding bij de zelfstandige activiteiten of arbeidsinschakeling weigert en als gevolg hiervan een maatregel wordt opgelegd;
het parttime ondernemen een belemmering vormt voor de belanghebbende om aan zijn arbeidsverplichtingen te kunnen voldoen;
de belanghebbende geen winst of een negatief inkomen heeft over een periode van zes maanden en het naar oordeel van het college de verwachting is dat het negatieve inkomen of ontbreken van winst langer dan zes maanden aanhoudt;
het parttime ondernemen een schuldentraject in de weg staat;
belanghebbende één of meerdere andere verplichtingen vanuit de PW of IOAW niet of onvoldoende nakomt.
**2..** Als de belanghebbende aanspraak kan maken op ondersteuning of bijstand op grond van het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004, zoals genoemd in het eerste lid, onder c, dan werkt de belanghebbende mee om daar eerst een aanvraag voor in te dienen. De toestemming voor parttime ondernemen wordt dan niet eerder beëindigd of ingetrokken zolang er nog geen besluit op die aanvraag is genomen.