1.. Het besluit tot verlenen van de subsidie bevat in ieder geval:

  • - een beschrijving van de activiteiten waarvoor subsidie is verleend;
  • - de periode waarvoor subsidie wordt verleend;
  • - het bedrag van de verleende subsidie;
  • - de voorwaarden en verplichtingen die aan de subsidieverlening zijn verbonden;
  • - een beschrijving van de wijze waarop verantwoording van de subsidie dient plaats te vinden.

2.. Voorwaarden en verplichtingen als in het eerste lid onder d bedoeld kunnen, afgezien van de verplichtingen als in artikel 4:37 Awb bedoeld, betrekking hebben op:

  • - het beheer en gebruik van de subsidie;
  • - het tussentijds afleggen van rekening en verantwoording omtrent de verrichte activiteiten en de daaraan verbonden uitgaven en inkomsten;
  • - duurzaamheid en bevordering van de kwaliteit van het milieu bij de uitvoering van de gesubsidieerde activiteiten;
  • - integratie van bepaalde bevolkingsgroepen dan wel emancipatie op een bepaald terrein;
  • - de toegankelijkheid van de gesubsidieerde activiteiten voor mensen met een beperking;
  • - andere verplichtingen die strekken tot verwezenlijking van het doel van de subsidie.

3.. Het college kan bij de subsidieverlening voorts verplichtingen opleggen als bedoeld in artikel 4:39 Awb, voor zover deze verplichtingen betrekking hebben op de wijze waarop of de middelen waarmee de gesubsidieerde activiteiten worden verricht.